Nidonk

Moving time  2 uur 42 minuten

Tijd  3 uur 19 minuten

Coördinaten 6108

Geüpload 11 juni 2019

Uitgevoerd juni 2019

-
-
55 m
14 m
0
11
22
44,32 km

34 maal bekeken, 2 maal gedownload

nabij Moerkant, Flanders (Belgique)

(recentste controle en tekstupdate: mei 2019)
In 1959 werd bij gelegenheid van de viering van het achthonderdjarig bestaan van Essen door leden van de Heemkundige Kring een lijst opgemaakt van alle kerken, kapellen en kapelletjes binnen de dekenij Essen-Kalmthout. De droge opsomming werd uitgebreid met een lange reeks bijhorende verhalen en in boekvorm uitgegeven onder de titel "Beevaart in het beekdal".
Precies 40 jaar later, in 1999, maakte Ivo Huysmans een update, waarbij hij zich beperkte tot het grondgebied van de gemeente Essen en tot de kerken en grootste kapellen uit de lange reeks. Hij deed dit op vraag van de Essense Dienst voor Toerisme, die toen "VVV Oase van Rust" heette.
We zijn nu weer 20 jaar later en een nieuwe update dringt zich op.

Wie dit wil kan de fietstocht als een "beeweg" afleggen, maar dit is zeker niet de hoofdbedoeling. Wel willen we de nog resterende kerken en (grote) kapellen in Essen tonen zoals ze zijn: belangrijke voorbeelden van religieus erfgoed, waaraan heel vaak interessante weetjes, pittige anekdoten of totaal uit de lucht gegrepen verhalen verbonden zijn. We zullen ze u niet onthouden.

We hebben getracht de verbindingswegen tussen de verschillende kapellen zo te kiezen dat er veilig kan gefietst worden, maar kerken staan nu eenmaal in het midden van de dorpen en daar kan het al eens wat drukker zijn. Van wijk naar wijk hebben we geopteerd voor landelijke wegen en die zijn niet overal verhard... Horeca onderweg is geen probleem.

We wensen u een aangename rit toe.
Deze fietsroute vertrekt aan "De Tasberg", het Essense VVV-kantoor. De parking ernaast is ruim en gratis te gebruiken. Adresgegevens: Moerkantsebaan 50, 2910 Essen. Telefoon: 0032 (0)3 677 19 91. Coördinaten voor de GPS: 51.4579, 004.4413. Op dezelfde locatie is de ingang van het Karrenmuseum waar de grootste verzameling karren en wagens uit de Lage Landen wordt tentoongesteld. Info via www.karrenmuseum.be. Horeca in de onmiddellijke omgeving: Taverne-restaurant De Kiekenhoeve. Info over openingsuren en menu: www.kiekenhoeve.be.
In 1969 kreeg Heikant - de jongste wijk van Essen - een eigen parochiekerk: Kapel De Verrezen Heer. De reden was eenvoudig: het was voor de oudere bewoners van de wijk moeilijk om naar de mis te gaan in de nabije wijk Statie. Een viaduct over de spoorlijn bestond op dat ogenblik nog niet. Zoals overal liep daarna het aantal kerkgangers ook hier schrikbarend terug. Langzaam maar zeker kwam er te weinig draagkracht om de kapel open te houden als parochiekerk. Omdat de nabije kleuterschool in lokalennood zat werd de kapel in 2010 al eens gehalveerd ten behoeve van de school en sinds 1 januari 2018 werd ook de rest door de school ingenomen. De kapel werd daartoe officieel "ontwijd".
Trien en Mieke Anthonissen hebben de kapel hier in de wijk Hemelrijk laten bouwen in 1879, als dankbaar aandenken aan hun ouders. Het Mariabeeldje is een Onze Lieve Vrouw van Lourdes. Het licht in de kapel kon indertijd bediend worden vanuit het huis dat er vlak achter stond. Als er een verliefd stel naar binnen trok om in de duisternis te knuffelen, werd het licht zonder verpinken aangestoken. Ook smokkelaars durfden wel eens vragen om met aangestoken of gedempt licht aan te geven of er al dan niet douaniers op uitkijk stonden in de kapel.
Na de aanleg van de spoorweg Antwerpen-Nederland via Essen, ontstond na 1854 in dit deel van de gemeente een nieuwe woonwijk die heel toepasselijk de naam "Essen Statie" kreeg. Het duurde tot 1905 vooraleer de nieuwe wijk ook een afzonderlijke parochie werd, die in de periode 1907-1908 ook een eigen kerk kreeg. Die werd toegewijd aan Sint-Antonius van Padua. De kerk werd zwaar beschadigd op het einde van de Tweede Wereldoorlog en hersteld in de jaren 1946-1951.
De kapel aan de Oude Baan is de jongste van de kapellen die we op onze route aandoen. Ze dateert uit 1958. Het is een gemeentelijke kapel omdat ze deel uitmaakt van een gemeentelijke elektriciteitscabine. De toenmalige burgemeester Dierckxsens zou de Paters Augustijnen gevraagd hebben welk Mariabeeld hij het beste in de kapel zou laten plaatsen. Zij raadden hem een Onze Lieve Vrouw van Goede Raad aan en dat zag de burgervader wel zitten. Goede raad kan een burgemeester immers vaak gebruiken.
Een eerste kapel stond hier met zekerheid bij het begin van de Eerste Wereldoorlog, maar oud was ze toen nog niet. Ze werd gebouwd door onder andere oud-burgemeester Van Loon. Omdat ze versleten raakte werd ze herbouwd in 1934 naar hetzelfde model. Het gipsen beeldje van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart werd door een lokale schilder gepolychromeerd. Er wordt verteld dat een beenderziek jongetje uit Oudenbosh hier na gebed genezing zou verkregen hebben. Ook deze kapel werd vaak gebruikt door douaniers die op uitkijk stonden naar mogelijke smokkelaars die aan het einde van de Kloosterstraat het "smokkelstraatje" gebruikten om de grens over te steken. Hun aanwezigheid werd echter met plezier gedoogd nadat ze in de winter van 1957-1958 eens tijdens hun nachtronde konden verhinderen dat het zinken dakje van de kapel gestolen werd. De tekst op de banderol boven de deur bevat een chronogram, maar die is niet helemaal opgesteld volgens de regels van de kunst. Als je de waarde die toegekend wordt aan elk van de roodgekleurde letters optelt, bekom je het jaartal 1844, waar eigenlijk 1934 bedoeld werd...
De belangrijkste kerk van Essen - die van de wijk Essen Centrum - is toegewijd aan Onze Lieve Vrouw Geboorte. Ze werd gebouwd in de jaren 1950-1952 nadat de eerdere parochiekerk - die niet op deze plaats stond maar wel tegen de grens aan, op het huidige "Kerkeneind" - in 1944 verwoest werd door het oorlogsgeweld. In de kerk staan en hangen enkele kunstwerken: een schilderij van Velasquez uit 1633, een Piëta uit de 16de eeuw, toegeschreven aan Quinten Metsijs en enkele gepolychromeerde beelden uit de 17de en 18de eeuw. De plaats waar de nieuwe kerk gebouwd werd is speciaal uitgekozen. Vanuit de Stationsstraat kijk je er al van ver frontaal tegenaan, zodat ze echt als een "centrumkerk" overkomt. Meestal is de kerk gesloten, maar mogelijk is de zijkapel wel toegankelijk. Voel even aan de linkerdeur in de voorgevel.
Op de hoek van Essendonk en Dreef staat de kapel van Loos, in 1911 opgetrokken in opvallend gele steen. Kees Loos en zijn echtgenote Kee Mies hadden dertien kinderen, die allemaal in goede gezondheid door het leven gingen. Drie onder hen werden geestelijken. Om zoveel geluk besloten de kinderen bij gelegenheid van de gouden bruiloft van hun ouders om een kapel te bouwen. Het heeft even geduurd, maar ze is er gekomen. In de oorlogswinter van 1943-1944 werd het Mariabeeldje tot driemaal toe gestolen. Tweemaal bleef het spoorloos, éénmaal werd het verbrijzeld teruggevonden op het ijs van de gracht rond de nabijgelegen Oude Pastorij. Het huidige beeldje is een Onze Lieve Vrouw van Lourdes. In 1986 werd de kapel aan flarden gereden door een auto die uit de Dreef kwam en aan het kruispunt vergat te stoppen. De kapel werd heropgebouwd en een jaar later heringewijd.
De oudste kapel in Essen is de zogenaamde "Kapel van Charel Seppe". Ze stond er met zekerheid al in 1786. Eigenlijk heette de man Charel van Hooydonk, maar iedereen noemde hem Seppe. Dan volgde de samentrekking van de twee en werd het "Charel Seppe". Het stratenpatroon zag er vroeger anders uit dan nu. Het grote kruispunt kwam er pas bij de aanleg van de ringweg rond Essen in 1981. Voor die datum splitste de weg vanuit Essen zich pas in de richtingen Nieuwmoer (links) en Achterbroek en Kalmthout (rechts) vlak voor de kapel. In 1931 konden een stel jonge gasten die met de auto van papa op uitstap waren niet kiezen tussen de twee richtingen en ze reden pardoes rechtdoor het kapelletje binnen. Toen 's anderendaags de auto naar buiten getrokken werd stortte de kapel in. De tekst boven de deur werd toen maandenlang vervangen door "Langs deze weg rijdt nooit met spoed, maar bidt: "Maria, Wees gegroet!" De kapel werd een tweede keer vernield door Canadees geschut tijdens de bevrijdingsdagen op het einde van de Tweede Wereldoorlog. Ook toen werd ze netjes heropgebouwd naar het oorspronkelijk model en ze lijkt dus nog altijd meer op een kleine abdijpoort dan op een kapel. Het oorspronkelijke eikenhouten gepolychromeerde Mariabeeldje werd gestolen en vervangen door een plaasteren model.
Hoewel hier vier wegen samenkomen heet deze plek "den Drijhoek". De bouwdatum van de kapel ligt ergens rond 1898 en de opdrachtgever was pastoorke Peeters. Ook deze kapel werd in de bevrijdingsdagen van oktober 1944 helemaal vernield. En ook van vandalisme bleef de kapel niet gespaard. Het oude Mariabeeld - een Moeder Gods - werd ooit stukgeslagen en daarna vervangen door een Onze Lieve Vrouw van Lourdes. Even verder op de route staat de Parochiekerk van Horendonk. De parochie Horendonk werd gesticht in 1898. De huidige neogotische parochiekerk van de wijk Horendonk (in de volksmond "den Uil" genoemd naar een oude afspanning) dateert uit 1953. Ze werd toegewijd aan Sint-Vincentius à Paulo en bevat een orgel uit het laatste kwart van de 17de eeuw. Dit orgel stond voordien in de oude parochiekerk van Wildert.
In de beginjaren van de 19de eeuw is Horendonk niet veel meer dan een verzameling van een twintigtal huizen. Voor hun zondagsmis moeten deze mensen naar Essen en het oversteken van het beekdal is in natte perioden niet altijd mogelijk. Daarom besluit Jan Goetstouwers in 1853 om samen met enkele buren deze kapel te bouwen op "de Groten Horendonk". Het verhaal gaat dat Jan bij het rooien van een heg op een kist met geldstukken stootte. Jan hield de schat voor iedereen geheim en dat werd het begin van een nachtmerrie. Elke nacht spookte het in en rond zijn boerderij. Rammelende kettingen, ijselijk gekrijs, rondsluipende schimmen, spoken die 's nachts koeken bakten, muizen die door het vuur liepen, het was er allemaal en het hield Jan elke nacht uit zijn slaap. Tot Jan besloot om het geld te besteden aan de bouw van een kapel. Vanaf dat ogenblik hielden alle pesterijen op en kon Jan weer rustig slapen. Tot 1980 hing in de kapel ook een kruisweg, maar die werd door vandalen vernield.
Deze kapel dateert uit 1881.Men heeft lange tijd gedacht dat ze gebouwd werd in 1886, maar bij haar honderdste verjaardag werd ze grondig gerestaureerd en bij toeval vond men in het puin een baksteen met het jaartal "1881". Die steen prijkt nu boven de deur. Het was Marijn Uitdewilligen die ze gebouwd heeft. Marijn was kerkmeester in de parochiekerk van Wildert en hij had daar al een klok voor gekocht in ruil voor twee missen per jaar.Levenslang. De kapel is eerder klein en binnenin doet ze een beetje claustrofobisch aan. Lichtschuwend ook, door de kleine raampjes. Typisch voor kapelletjes uit vroegere eeuwen. Het beeldje dat de kapel siert is een niet nader genoemde Moeder Gods.
Het meest oostelijke deel van Wildert wordt "de voorste Wildert" genoemd. Vandaar ook de bijnaam van de kapel. Ze dateert waarschijnlijk uit 1897 en was oorspronkelijk toegewijd aan Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart. Na een bezoek aan het bedevaartsoord Banneux bracht buurvrouw Anna Wuyts een eeuw later de idee mee om de kapel voortaan toe te vertrouwen aan Onze Lieve Vrouw van Banneux. In Brugge werd voor 2000 frank het juiste beeldje gekocht en vanaf dan heeft de Kapel op de Voorste Wildert een andere beschermheilige. Alfons Tireliren vertelt in zijn boek "Beevaart in het beekdal" dat Anna Wuyts op een keer van de keldertrap viel en haar arm bezeerde. Ze ging recht naar de kapel en sprak tot Onze Lieve Vrouw: "Ik heb gezorgd dat Gij hier binnengekomen zijt, nu moet Gij mijn arm genezen". En Anna genas ... In 1978 beslist het buurtschap om het oorspronkelijke beeld van Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart terug te plaatsen bij gelegenheid van een nieuwe restauratie. Omdat op dat ogenblik niemand echt weet wie de eigenaar is van de kapel, wordt een grondig en officieel onderzoek ingesteld. Het blijkt een kloosterzuster uit Toulouse te zijn, met Vlaamse roots en familie in Antwerpen. Na veel juridisch geharrewar wordt de kapel in 1981 eigendom van de parochie.
Geprangd tussen de huizen met nummers 121 en 123 staat aan de Sint-Jansstraat het "Kapelletje van Verhulst", met zekerheid de oudste kapel van Wildert. Wellicht dateert ze uit 1825. Vermits er toen nog geen sprake was van een parochiekerk of Lourdesgrot, was deze kapel de enige bidgelegenheid voor deze Essense uithoek. Eigenlijk klopt de titel van "oudste kapel" niet, want de echte oudste kapel stond aan de andere kant van het woonhuis. De afbraak en nieuwbouw gebeurden in 1898. De kapel is toegewijd aan Onze Lieve Vrouw van de Rozenkrans en het oorspronkelijke beeldje werd meegebracht uit Lourdes. Ook hier weer enkele anekdotes: - Zo dicht bij de school kwamen de schooljongens hier soms hun straf schrijven. Ze lieten de volgeschreven lei dan verstopt achter tot de volgende morgen. Op die manier wisten ze thuis van niets ... - Tijdens een hele hete en droge zomer verzamelden de mensen hier aan de kapel om te bidden en regen af te smeken. Eén boer deed niet mee, want hij redeneerde: "Als 't voor de anderen regent, dan regent het ook voor mij". Het bleef droog tot de ongelovige boer uiteindelijk overtuigd werd om ook mee te bidden ... en plots was er regen!
De naam "Wildert" duikt voor het eerst op in 1412 en verwijst naar "wildernis" en "woestenij". Het was een onbewoond gebied dat tot de Grote Essense heide behoorde. In 1877 wordt het een zelfstandige parochie binnen de gemeente Essen en in 1891 krijgt Wildert een eerste parochiekerk, toegewijd aan Sint-Jan de Doper. In de laatste dagen van de Tweede Wereldoorlog wordt de toren zoals zovele andere torens in de regio gedynamiteerd door de Duitsers, om te vermijden dat hij door de geallieerden zou kunnen gebruikt worden als uitkijkpost. Ook de kerk wordt hierbij zeer zwaar beschadigd. Een nieuwbouw is noodzakelijk. Die komt er in 1950.
De kapel werd gebouwd door de vader van Louis Willemsen in 1902. De man was toen 46 en hij stierf aan pleuritis net voor de kerk zou ingewijd worden. Dat gebeurde door Prelaat Deckers van Tongerlo, een familielid. De trieste waarheid is dan ook dat de eerste rozenkrans in deze kapel gelezen werd voor de zielsrust van de overleden bouwheer. De kapel is toegewijd aan Onze Lieve Vrouw van de Rozenkrans.
Het was 1954 wanneer de broers Frans en Jef De Backer aan het ouderlijke huis in de Achterstraat een kippenhok maakten. Ze hadden stenen over en na enig aandringen van hun moeder Maria Jacobs (in Wildert algemeen gekend als "Mieke Pot") bouwden ze daarmee een kapel. Mieke ging tot voor kort heel trouw elk jaar op bedevaart naar Scherpenheuvel, maar daarvoor was ze nu te oud geworden. Als zij niet meer naar Onze Lieve Vrouw kon om te bidden, dan moest Onze Lieve Vrouw maar naar haar komen, zo werd er geredeneerd. Dus kwam er een kapel. Op het moment dat Mieke de Laatste Sacramenten toegediend kreeg werd haar kapel gewijd en het verhaal gaat dat haar laatste woorden tot haar kinderen waren: "Onderhoud toch goed mijn kapel". Op de dag van haar begrafenis werden er zoveel kaarsen gebrand dat de papieren bloemen vuur vatten en de kersverse kapel ei-zo-na afbrandde. Het zwartgeblakerde kapelletje werd meteen weer opgeknapt.
Op gronden van de voormalige "Conventshoeve" - die door de abdij van Tongerlo gesticht werd in 1668 - werd kort na 1906 tegen het nieuwe Redemptoristenklooster een kloosterkerk aangebouwd. Het klooster werd toegewijd aan Sint-Gerardus, de kloosterkerk aan het Eucharistisch Hart. De kerk was nooit een echte dorpskerk maar wel een kerk voor de bewoners van het klooster en voor de leerlingen van het college. Toch waren de eucharistievieringen toegankelijk voor iedereen en vooral bij bijzondere vieringen (o.a. in de kerstnacht) werd van dit aanbod dankbaar gebruik gemaakt door veel gelovigen uit Essen en omstreken. Door het opdoeken van het internaat en het steeds afnemende aantal kloosterlingen was ook het vertrek van de allerlaatste paters en de ontwijding en sluiting van de kerk in 2017 onafwendbaar. Van alle torens uit de omtrek is alleen deze kloostertoren - alhoewel zwaar beschadigd - overeind gebleven in de laatste oorlogsdagen van oktober 1944. Een springlading van 150 kg was wel al aangebracht maar een Duitse soldaat met wroeging kon op het allerlaatste moment de reeds aangestoken lont doven. Gelukkig maar want in de kloosterkelder schuilden meer dan 100 vluchtelingen voor het aanhoudende mortiervuur. Bij een ontploffing van de toren zou het dodental dramatisch hoog geweest zijn.
Op de hoek van de Verbindingsstraat en de Achterstehoevestraat staat het zogenaamde "Kapelletje van Hectors", een stenen huisje met het beeld van Onze Lieve Vrouw Onbevlekt Ontvangen. Het werd gebouwd in 1921 (sommige bronnen spreken van "ergens tussen 1905 en 1912) en grondig gerestaureerd in 2018. De bouwers en ook de huidige eigenaars stammen uit de familie Hectors, vandaar de naam. In de tijd dat smokkelaars nog de sluipwegen door de heide namen om de grens over te steken, gebruikten de douaniers het kapelletje vaak als observatiepost. Binnen voelden ze de wind niet ...
In twee jaar tijd (1893 en 1895) werden de echtelingen Suske Sanders en Jouwke Goossens getroffen door een zware vorm van pleuritis. Er werd nog beloofd om een kapel te bouwen bij genezing, maar het mocht niet baten. Suske en Jouwke overleden beiden, maar de kapel kwam er toch. De kinderen meenden dat ze dat aan Onze Lieve Vrouw verplicht waren. Het werd een dure kapel, kostprijs 500 frank. Dat was de helft van een werkmanshuisje. Ze werd gebouwd op een verloren stukje grond dat "de blokskens" genoemd werd. De kapel werd toegewijd aan Onze Lieve Vrouw van Altijddurende Bijstand en in 1899 geschonken aan de parochie. Een kloosterzuster uit de familie Sanders was werkzaam in de kliniek in Kapellen. In haar gebed bracht zij alle intenties van de zieken over aan de Lieve Vrouw van de kapel aan de Moerkantsebaan. Wanneer die zieken dan ook genazen, kwamen die achteraf naar de kapel om te bedanken voor de genezing. Zo kreeg de kapel een kleine status van bedevaartsoord. Kardinaal Van Roey maakte dit officieel door in 1936 aan de kapel de status toe te kennen van parochiaal bedevaartsoord, met de toelating om er in de meimaand een mis op te dragen.
Meer dan 1000 jaar geleden was deze streek een onherbergzaam gebied met heide en veel moerassen. Rond 1150 schonk Arnold van Brabant het gebied aan de Abdij van Tongerlo. In 1278 stichtten de Wilhelmieten een klooster in Huybergen (NL), maar ze bouwden dit al dan niet per ongeluk op gronden van de Abdij van Tongerlo. In latere eeuwen bouwden deze laatsten in de buurt ook 13 hoeven, die ze verpachtten aan boeren, met de bedoeling om de moerassen en natte gronden droog te leggen en vruchtbaar te maken. De eerste bewoners vestigden zich bij voorkeur aan de beken, enerzijds aan de Molenbeek, anderzijds aan de Spillebeek. Langzaam werden het twee woonkernen die in de loop van de volgende eeuwen naar mekaar toegroeiden en de wijk Hoek gingen vormen. In 1859 werd Hoek een zelfstandige parochie in de gemeente Kalmthout. Een jaar later kreeg ze een parochiekerk, die in 1944 ernstig beschadigd werd bij de beschietingen tijdens de bevrijdingsdagen en pas vijf jaar later hersteld. Ze is toegewijd aan Sint-Pieter. Tot 1977 behoorde Hoek bij de gemeente Kalmthout. In dat jaar ging het dorp administratief over naar de gemeente Essen.
Aan de kruising van Spillebeekweg, Vleetweg en Zandfort staat al van voor 1880 een stenen kapel onder enkele lindenbomen. Een juist jaartal is niet gekend, geschreven documenten hierover bestaan niet meer. In 1985, toen het van eigenaar veranderde, was het erg bouwvallig. Het kreeg een volledige opknapbeurt en het Mariabeeldje werd eigenhandig gemaakt door de toenmalige eigenares van de kapel.
Maria Timmermans had zich tijdens de oorlog 1940-1945 voorgenomen om deze kapel te laten bouwen om een goede bescherming te bekomen voor het hele gezin. Ze heeft deze bescherming ook verkregen: de bijhorende hoeve is tijdens de oorlog gevrijwaard gebleven van beschietingen en wonder boven wonder zijn al haar kinderen veilig terug naar huis gekomen. Eén van hen zat als Belgisch krijgsgevangene op de Rhenus 127, een binnenvaartschip dat bij Willemstad (NL) vergaan is op 30 mei 1940 nadat het op een Duitse mijn was gevaren. De Rhenus 127 was ingezet voor het vervoer van krijgsgevangenen en had op het ogenblik van de aanvaring 1200 mensen aan boord. Officieel kwamen 167 onder hen om het leven, maar het echte aantal lag vermoedelijk rond de 200. Kort na de eerstesteenlegging van deze kapel in 1945 is Maria Timmermans gestorven. De kapel werd in 1946 ingezegend en is toegewijd aan Onze Lieve Vrouw Onbevlekte Ontvangenis.
In de eeuwen dat turf werd vervoerd vanuit de moergebieden van De Nol naar Bergen op Zoom en Roosendaal, lag op deze plaats een brug over de Oude Moervaart. De kapel werd in 1852 gebouwd door Klaas Van Loon, als dank voor zijn veilige terugkeer uit de oorlog. Klaas werd in 1778 geboren in een hoeve vlak naast de kapel, nu privétuin. Als jonge man werd hij opgeroepen om dienst te nemen in het leger van Napoleon. Zeven jaar lang zwierf hij met dat leger door Europa en Klaas nam deel aan diverse veldslagen in Spanje. Al die jaren werd hij thuis dood gewaand. Het verhaal wil dat niemand hem bij zijn thuiskomst herkende omdat hij er zo slecht uit zag. Alleen de hond kwam kwispelstaartend naar hem toegelopen. Pas nadat hij een litteken van een oude brandwonde had getoond, werd hij geloofd. De kapel is toegewijd aan Onze Lieve Vrouw van het Heilig Hart.

Commentaar