-
-
76 m
-3 m
0
68
135
270,2 km

31 maal bekeken, 4 maal gedownload

nabij Helchteren, Flanders (Belgique)

bedevaart 2018

in naam van mijn zieke moeder, Rita

Deze is voor jou mama
Genoemd naar de patroon van de stichter, Hubertus Bovens, vicaris-generaal van het bisdom Luik. Eerste Vlaams Nederlandstalig college, opgericht in 1910, naar ontwerp van de architecten H. Martens (Stevoort) en V. Lenertz (Leuven). Op 6 oktober 1910, inwijding door Monseigneur Rutten, bisschop van Luik, confer gevelsteen: + COLLEGIUM:A:S.HUBERTO:PATRONO/ NUNCUPATUM EPISCOPALIBUS/ SUMPTIBUS:EREXIT:AC:DIE:6:OCTOBRIS/ ANNO:MDCDX:INAUGURAVIT/ MARTINUS:HUBERTUS:RUTTEN/ EPISCOPUS:LEODIENSIS./ [vertikale woorden:] [?] H.MARTENS V.LENERTZ/ OPERIS SUSCIEP[enkele letters, waarschijnlijk: TIS] P.CLAES-LOKERS.

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie
Iedere zaterdag van 10.00 tot 16.00 uur.

Op de biologische markt in kunt u onder andere terecht voor biologische aardappelen, groente, fruit, zuivel, brood en vlees.

Bakker Meelmuts: bakker

De Blije Big: Vleeswaren

Van Het Land: Groente en fruit

Boerderij Saanenhof": Heezer Geitenkaas en zuivelproducten

Bijzonderheden: Duurzame producten Biologische/Boeren markt Met streekproducten Met handwerkproducten


Auteur: Ben Nas
Meer informatie
Vrijstaande gotische kerk opklimmend tot circa 1525-1529, na de brand van 1841 voor een groot deel in neogotische stijl heropgebouwd; gelegen op een lichte verhevenheid in de as van Torenstraat en Dreef; bewaard, in 1860 ommuurd kerkhof aan noordzijde, dat circa 1956 in noordoostelijke richting werd uitgebreid en omhaagd. De omgeving van de Sint-Michielskerk bevat nog duidelijke elementen van een oude dorpskern: het dubbel omwald perceel met pastorie en voormalige hoeve, respectievelijk ter plaatse van het vroegere opper- en neerhof van de heren van Weelde, de lindedreef tussen kerk en voormalig kasteel, de stenen molen en de lage omringende bebouwing.

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie
Hoeve met losstaande bestanddelen, in de 19de eeuw te dateren: woonstalhuis (nok loodrecht op de straat) en parallelle stalling, tegen de straat aan langsschuur (nok loodrecht op de straat). Verankerd bakstenen woonstalhuis van tien + drie traveeën onder pannen zadeldak (nok loodrecht op de straat). Rechthoekige, deels vernieuwde muuropeningen; woonhuisgedeelte met beluikte vensters. Dak en zuidgevel vernieuwd in 1983. Houten langsschuur (19de eeuw) onder afgewolfd pannen zadeldak (nok loodrecht op de straat).

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie
Langs de Biekorfstraat nummers 16 en 18 is de straatzijde afgesloten met een afsluitingshaag van beuk en haagbeuk. De haag bestond oorspronkelijk enkel uit beuk maar werd ingeboet met haagbeuk. In de haag komen een appelaar (Court pendu) en perelaar voor. Volgens de eigenares is de appelaar circa 100 jaar oud. De perelaar zou circa 50 jaar oud zijn. Deze bevindt zich in de hoek van het perceel en werd mogelijk ook aangeplant als hoekboom toen de bebouwing langs de Biekorfstraat uitbreidde.

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie
Alexandre Dechet sneuvelde hier in de Holleweg van Boechout op 18 oktober 1830. Hij is beter bekend onder zijn pseudoniem Jenneval en als de tekstschrijver van het Belgisch volkslied. Merkwaardig is dat hij eigenlijk een Frans is die geboren in in Lyon. Nog merkwaardiger is dat hij zich als vrijwilliger tijdens de Belgische Revolutie aansloot bij de revolutionaire legers. Zo kwam hij in het corps van Charles Niellon terecht, eveneens een Fransman. EN daarbij sneuvelde hij hier in een gevecht tegen Nederlandse troepen aan de Holle Weg.

Auteur: RouteYou
Meer informatie
Arbeiderswoningen van twee of drie traveeën en één bouwlaag onder zadeldaken (Vlaamse of mechanische pannen), uit de 19de eeuw. Hier stond eertijds de "Engel". In 1572 vermeld als herberg. Hieruit werd in de 17de eeuw de "Kleinen Engel" gesplitst, die in 1784 vermeld stond als stenen huis. Uit de "Engel" werd nogmaals het "Pakhuis" gesplitst dat in 1769 aangeduid stond als pakhuis met poort, paardenstal en kalfskot, echter reeds in 1770 opgesplitst in twee woningen. Gecementeerde baksteenbouw, nummer 35 bezet met tegels; rechthoekige muuropeningen. Nummer 39 hoofdgestel, met geprofileerde rechthoekige panelen.

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie
Het Zennegat is een geografisch knooppunt van hydrografie. Het is de plaats waar de Zenne samen komt met het Kanaal Leuven-Dijle of de Leuvense vaart. Samen stromen ze dan in de Dijle, die enkele honderden meters verder dan weer samenvloeit met de Nete om alzo de Rupel te vormen. Het stukje Dijle tussen het Zennegat en de monding in de Rupel wordt in de volksmond de Koestaart genoemd.

Auteur: Dromos
Meer informatie
Eeuwenlang woonden hier in het gehucht Zennegat families boottrekkers. Het gehucht rondom het Zennegat werd tijdens de 20e eeuw meer en meer een woonplaats voor kunstenaars, muzikanten en noncomformistische figuren. Sinds enkele jaren woont ook actrice en tv-presentatrice Tine Van den Brande er. De eveneens aan het Zennegat verblijvende jazz- en improvisatiemuzikant André Goudbeek maakte in 2005 een naar de plaats genoemde cd met bandoneon-improvisaties. Ook de nonconformistische Mechelse tekenaar en schilder Frans Croes woonde tot aan zijn dood in 2011 aan het Zennegat, en had er ook zijn atelier. De verschillende dijken die hier samen komen vormen dan ook op mooie dagen een trekpleister voor vele fietsers.

Auteur: Dromos
Meer informatie
De Leuvensevaart of het kanaal Mechelen-Leuven verbindt het Brabantse hinterland met het Scheldebekken; ze heeft een totale lengte van 30 kilometer waarvan 7,6 kilometer in de provincie Antwerpen. De huidige bodembreedte is 12 meter, de breedte van de waterlijn 22 tot 32 meter, de waterhoogte is 3,5 meter (praktisch 2,3 meter), de vrije doorvaarthoogte 6 meter en het totale verval 14 meter. Het kanaal bezit vijf sluizen, met name te Tildonk, Kampenhout, Boortmeerbeek, Battel en Zennegat met een gemiddelde lengte van 60 meter en een gemiddelde breedte van 8,25 meter; alleen de twee laatste bevinden zich op grondgebied Mechelen. Het kanaal heeft slechts twee zwaaikommen, één in Leuven en één in Kampenhout.

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie
Dit begijnenhuis werd gelijktijdig met de aanpalende panden opgericht in de 17de eeuw, na de inrichting van het begijnhof. Het betreft een bak- en zandstenen enkelhuis van twee bouwlagen onder zadeldak. De voorgevel werd aangepast in de 19de eeuw, net zoals bij de aanpalende panden in de gevelrij. Bij de meeste werden de natuurstenen vensterkruisen weggebroken, de dorpels verlaagd en de rondboogdeuren omgevormd tot rechthoekige muuropeningen. Bovendien kregen sommige gevels een bepleistering of cementering. Net als de aanpalende panden heeft ook dit begijnenhuis ter hoogte van het Fonteinstraatje een ommuurde achtertuin voorzien van een klein bijgebouw.

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie
Rijhuis van drie bouwlagen en vijf traveeën uit de eerste helft van de 19de eeuw. Later gecementeerde lijstgevel met gegroefde art-decoversiering. Rechthoekige vensters op beschilderde lekdrempels, op de bovenste verdieping doorgetrokken tot kordon. Twee rechtse vensters op de tweede bouwlaag verlaagd. Brede rondboogpoort gevat in rechthoekige beschilderde omlijsting uit het laatste kwart van de 18de eeuw op imposten, voorzien van sluitsteen en casementen in de zwikken onder geprofileerde druiplijst. Houten kroonlijst op klossen.

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie
Het Scheppersinstituut is gesitueerd in het bouwblok begrensd door de Melaan, de Thaborstraat, de Nieuwe Beggaardenstraat en de Arme Clarenstraat. De Melaan werd aangelegd op de rechteroever van de heden overwelfde vliet Nieuwe Melaan, een vertakking van de Oude Melaan. Het westelijke straatblok van de Melaan werd vroeger voor een aanzienlijk gedeelte ingenomen door het arme klarenklooster en het aangrenzende Thaborklooster, vanaf 1844 verbouwd tot het Scheppersinstituut.

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie
Verankerd bak- en zandstenen breedhuis in traditionele stijl, met aanpassingen uit de 19de en de 20ste eeuw. In de tweede helft van de 17de eeuw eigendom van raadsheer de Santere, in 1708 toebehorend aan jonkheer Daniel-Frans Cuypers, heer van Rijmenam; in 1830 aan vicaris-generaal Collier; heden in gebruik als jeugdhuis.

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie
"Gekroonde Smoutmolen", later "de Kroon". Diephuis met heden gecementeerde afbrokkelende puntgevel, twee bouwlagen en drie traveeën onder zadeldak (Vlaamse pannen), gedateerd 1629 door middel van jaarankers. Aangepaste rechthoekige bovenvensters. Vereenvoudigde geveltop met dubbel gekrulde ankers, centraal rechthoekig venster onder zandstenen druiplijst op consooltjes; erboven rechthoekig luik met kwartronde lijst en oculus. Begane grond verbouwd tot hoge arduinen winkelpui.

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie
De Sint-Romboutskathedraal in Mechelen is de hoofdkerk van het aartsbisdom Mechelen-Brussel. Als zetel van de metropoliet van de Belgische kerkprovincie is zij de metropolitane kerk van België. De kathedraal is vooral beroemd vanwege de ruim 97 meter hoge toren met zijn twee beiaarden. De toren is als onderdeel van een groep van 56 belforten en kerktorens in België en Frankrijk opgenomen op de lijst van werelderfgoed van UNESCO.

(bron: wikipedia)

Auteur: Sarah De Keyzer
Meer informatie
Rijhuis van twee traveeën en vier bouwlagen onder afgeknot zadeldak (kunstleien) met vermoedelijk oudere kern, gelegen in het begin van de Bruul en in het gezichtsveld van de Grote Markt. Volgens een bouwaanvraag van 1841 werd een traditionele, drie bouwlagen tellende gevel met kruis- en kloostervensters verbouwd tot een lijstgevel van drie bouwlagen met rechthoekige vensters. Verhoogd met een vierde bouwlaag in 1877.

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie
Voormalig Schepenhuis, heden Stedelijk Archief. In zijn huidige vorm omvat het Mechels Schepenhuis: een eerste schepenhuis uit de 13de eeuw, op rechthoekige plattegrond (nok loodrecht op de straat) en met de noordgevelzijde aan de Grote Markt.

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie
Rijwoning van drie traveeën en drie bouwlagen onder afgesnuit zadeldak met oudere kern, mogelijk opklimmend tot de late middeleeuwen. Maakte volgens archeologisch onderzoek mogelijk deel uit van de stapelhuizen die aan de vroegere vliet 'de Klem' gelegen waren. Volgens een bouwplan van 1825 gaat het pand terug op een traditioneel diephuis met trapgevel, voorzien van een centraal laadvenster ter hoogte van de derde bouwlaag en een oculus in de top. Voor de aanpassing tot een lijstgevel is geen bouwdossier bewaard. Vanaf 1870 ter hoogte van de begane grond aangepast tot winkel. Momenteel samengevoegd met huis nummer 123 en in verbouwing.

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie
Voormalige brouwerij en herberg zogenaamd De Seeridder. Hoekcomplex, U-vormig ingeplant rondom een binnenplaats, mogelijk met 16de-eeuwse kern in het noordelijk deel. Verbouwd en vergroot in 1767; onder meer bouw van een nieuwe achtergevel even voorbij de oude, de poort met doorrit en het linkerdeel werden toegevoegd. Tegelijkertijd werd het bakhuis, dat oorspronkelijk vrij stond, in het geheel geïncorporeerd. Mogelijk dateren ook schuur en wagenhuis uit deze periode.

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie
In 1914 werd de brug door het zich terugtrekkende Belgische leger vernield, maar later opnieuw hersteld. Ook in de Tweede Wereldoorlog werd de brug vernield en nadien terug hersteld. Op aandringen van de geschiedkundige kringen van Haacht en Keerbergen werd de brug op 16 maart 1998 als monument geklasseerd. De nieuwe Oude Hansbrug is voortaan enkel nog toegankelijk voor fietsers en voetgangers.
bron: http://nl.wikipedia.org/wiki/Oude_Hansbrug

Auteur: Blauwkruikje
Meer informatie
Klooster van de zusters van Philippus Neri. Gelegen op de hoek van de Stationsstraat en Dorp, vlak ten westen van de Sint-Pieterskerk. Het klooster werd gebouwd in 1900, kadastraal geregistreerd in 1901. In 1958 werd een uitbreiding geregistreerd, de kapel, de twee rechtse traveeën en de achterbouw van het kloostergebouw dateren van toen. Bakstenen gebouw op T-vormige plattegrond, ten zuidwesten aansluitende kapel.

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie
Laat 18de-eeuwse herenwoning in Lodewijk XVI-stijl. Vermoedelijk nog niet weergegeven op de Ferrariskaart, wel zichtbaar op het primitief kadaster met langgestrekte achterbouw – later verbouwd, nu verdwenen. In 1880 vermeldt het kadaster dat het pand wordt aangekocht om als klooster en school (in de achterbouw) te dienen. Toen vond er ook een "amélioration notable" plaats.

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie
Voormalige jeneverstokerij (2de helft 19de eeuw), welke reeds omstreeks 1911 stilviel. Woonhuis in 1914 door brand vernield en nadien opnieuw opgebouwd. De bedrijfsgebouwen, met nok parallel aan de Gete, werden nadien omgevormd tot paardenstallingen. Bestaande uit vier onderscheiden delen. Woning van het dubbelhuistype, vijf traveeën en twee bouwlagen onder zadeldak (nok parallel aan de straat, mechanische pannen), met aanleunend gebouw van vier traveeën en twee bouwlagen, onder schilddak. Verankerd bakstenen gebouw op een gecementeerde plint. Gecementeerde ornamenten der voorgevel waarschijnlijk uit eind 19de eeuw. Rechthoekige vensters voorzien van kalkstenen lateien en lekdrempels; de andere elementen zijn gecementeerd. Rechthoekige deur in vlakke kalkstenen omlijsting op neuten en met bekronende druiplijst. Oorspronkelijke, rechthoekige poort, thans onder ijzeren I-balk, doch met kalkstenen posten voorzien van neuten en kapitelen. Later werd een tweede poort toegevoegd, eveneens onder I-balk doch met gecementeerde posten.

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie
De modernistische woning op de hoek van de Kuringersteenweg en de Kleine Breemstraat werd gebouwd in 1933-1934 als eigen woning door architect Brauns. Historiek Het huis werd gebouwd in 1933-1934 op de hoek van de Kuringersteenweg en de Kleine Breemstraat als eigen woning door architect Brauns. In 1944 werd het pand zwaar geteisterd door bombardementen. In tegenstelling tot verschillende gebouwen in de omgeving bleef het echter bewaard, niet zonder de nodige herstellings- en aanpassingswerken. Zo werd de gescheurde achtergevel gestabiliseerd met een baksteenwand en werd een pannen tentdak geconstrueerd. Details als het luifel boven de voordeur en de bloembak tegen de aanbouw gingen verloren. In 1969 volgde een herstel van de oorspronkelijke toestand, waarbij het dak opnieuw werd verwijderd en het terras heraangelegd. Tijdens deze bouwfase ging niettemin het oorspronkelijke schrijnwerk verloren en werd een tweede garage aan het complex toegevoegd. Het gebouw schijnt sindsdien niet meer te zijn veranderd. Beschrijving Exterieur De modernistische, alleenstaande woning is een geblokt hoekhuis in gewapend beton, bepleisterd en gewit, van drie bouwlagen onder een plat dak, dat als terras fungeert. Het heeft een elegante combinatie van horizontale en verticale lijnen. De façade bestaat uit twee traveeën met een eenvoudige rechthoekige ingangsdeur rechts, links geflankeerd door groot rechthoekig raam. De hogere niveaus hebben lage rechthoekige vensters in registers die zijn doorgetrokken over de linkse zijgevel. De originele drieledige houten ramen, die donkerblauw geschilderd waren, werden vervangen door tweeledige ramen. De muurdammen waren voorheen bovendien zwart geschilderd, zodat de illusie van doorlopende vensterstroken werd versterkt. De horizontaliteit wordt verder benadrukt door de balustrade van het dakterras, gevormd door een wandverhoging, centraal onderbroken door ijzerwerk. De deurtravee wordt ter hoogte van de derde bouwlaag verticaal geaccentueerd door de voor de stijl karakteristieke vlagmast. De houten voordeur met judas en buitenbekleding in aluminium werd vervangen door een moderner exemplaar. Een houten luifel boven de deur, blijkens oude foto’s een platform, dat als een valbrug door middel van schuine ijzeren stangen aan de muur hing, werd verwijderd. Op het platform zou de benaming Huize de Brem zijn aangebracht. De achtergevel werd beschadigd tijdens een bombardement in de Tweede Wereldoorlog en diende te worden gestabiliseerd door er een bakstenen muur tegen op te trekken. De rechtse zijgevel is blind. Tegen de linkse zijgevel is een lagere aanbouw voorzien van één bouwlaag onder een plat dak, dat opnieuw als terras wordt gebruikt. De aanbouw flankeert het woonhuis over de gehele breedte van de zijgevel, loopt uit langsheen de tuin en maakt vervolgens een hoek, waarbij ook een gedeelte van de achtergevel wordt overlapt. Het flankerende gedeelte, geaccentueerd door een smalle vensterstrook vanaf de smalle voorzijde, waar voorheen ook een zwart geschilderde betonnen bloembak prijkte, over het grootste deel van de zijgevel, is aangesloten bij het woonhuis. Het achterste gedeelte, met twee rechthoekige poorten, fungeert als garage. Het terras beschikt aan de zijde van het woonhuis over een eenvoudige ijzeren balustrade, naar de garage toe werden simpele betonnen wandverhogingen gebruikt. Het dak van de garage zelf fungeert niet als terras. Indeling Het gebouw is volledig onderkelderd, weliswaar met kruipkelders onder de leefruimten. De echte kelders zijn geconcentreerd onder de as gang-keuken-badkamer. Op gelijkvloers niveau dienen gebouw en bijbouw als één geheel te worden beschouwd. Een eerder korte laterale vestibule rechts, voorzien van de trap, vormt eigenlijk een ensemble met de overloop op de verdieping, die onmiddellijk overgaat in het bureau van de architect, zodat een representatieve hoek in het pand wordt geïsoleerd, rechts vooraan. Op gelijkaardige wijze wordt linksachter een utilitaire hoek gevormd, bestaande uit de voormalige keuken, met aansluitende keldertrap, badkamer en toilet. Deze vertrekken werden traditioneel reeds gegroepeerd en enigszins geïsoleerd. De dienstruimten versmallen bovendien trapsgewijze naar achteren toe, waardoor plaats bewaard bleef voor een smal buitenpad langsheen het huis. Op die manier werd een veilige verbinding gevormd tussen de keuken, met achterdeur, en de garage, die zich helemaal achteraan in het huis bevindt, maar nergens van binnenuit toegankelijk is. Links van de representatieve- en dienstas is een leefcomplex voorzien, een salon met aansluitende eetkamer, die met de oorspronkelijke keuken in verbinding stond. Hierachter bevond zich nog een ruimte – de speelkamer -, die naar de badkamer leidde. Het plan is samengebald en beredeneerd irregulier, met leefruimten die naar achteren toe progressief versmallen, optimaal belicht worden door de vensters van de schuine wand, en slechts waar nodig met de dienstruimten in verband staan. Aan de oorspronkelijke constellatie werd amper geraakt. Wel ondergingen bepaalde ruimten een functiewijziging. De vroegere keuken (met kelderingang) fungeert tegenwoordig als vestiaire, de aansluitende badkamer werd nieuwe keuken, de oorspronkelijke eetkamer werd bij het salon gevoegd en de speelkamer werd eetkamer. Op de eerste verdieping wordt het plan opnieuw blokvormig, aangezien de aanbouw slechts één bouwlaag hoog is. De voornaamste ruimten liggen weer aan de linkerkant van het huis, en kunnen beschikken over het terras. Overloop en bureau vormden één ruimte aan de voorzijde, linksachter bevond zich een slaapkamer, rechtsachter een kinderkamer. De onderverdeling was uitgevoerd door middel van scheidingswanden in vezelplaat, zodat er gemakkelijk aanpassingen konden worden doorgevoerd, mocht dit nodig blijken. Tegenwoordig vormt de overloop een afzonderlijke ruimte, bureau en slaapkamer vormen één geheel, terwijl de kinderkamer is omgevormd tot badkamer. De tweede verdieping, onder het grote dakterras, schijnt gedeeltelijk als tekenbureau te zijn gebruikt, met aansluitende slaapkamers. Ook hier waren de onderverdelingen uitgevoerd door middel van wanden in vezelplaat. De ruimte is tegenwoordig herverdeeld en uitgerust met slaapkamers en sanitair. Interieur De vestibule was ondanks het kleine oppervlak statig en monumentaal. De vloer werd betegeld met grijzige betontegels met een lage plint in zwarte steen en wit geschilderde muren. De ruimte werd gedomineerd door een sierlijke kwartslagtrap in blank hout, voorzien van een speels uitgevoerde, ijzeren balustrade met platte spijlen en een buisvormige handgreep. De trapboom, handgreep, evenals de lijsten rond de deuren naar salon en keuken, waren rood gelakt. Via de eerste trapoverloop liep de vestibule rechtstreeks door naar het bureau van de architect, wat het representatieve karakter van de vestibule nog onderstreepte. De schoorsteen, die beneden in een scheidingswand verwerkt, lag hier volledig vrij en was rijkelijk bekleed met zwarte en witte marmer, in een strooksgewijs patroon, zoals ook het exterieur was opgevat. De ruimte was verder aangekleed in gele, bruine en groene kleurvariaties. De trap naar de tweede verdieping was verder in hout afgewerkt, met metalen balustrade, gevormd door twee buizen in vegetale welving. De tweede verdieping behoorde ook tot het publieke deel van het huis, alleszins voor zover het de zone aan de tweede trapoverloop betrof, die opnieuw in open verbinding stond met een bureau, waar de tekenaars werkten. De schoorsteen was weerom vrijstaand. De trap liep vanuit het bureau verder naar het dakterras. Van de leefruimten waren het salon en de eetkamer op het gelijkvloers het monumentaalst afgewerkt. De ruimten vormden een aaneengesloten geheel, via een dubbele glasdeur toegankelijk vanuit de kleine hal. De ruimte had een eenvoudige parketvloer met planken en geel geschilderde muren. De schoorsteen - met kolomkachel - bevond zich rechts naast de ingangsdeur en was bekleed met zwarte en watergroene tegels, afgewerkt met gouden biezen en een slanke spiegel. De watergroene tegels keerden terug als vensterbanken. Een tweede markant element was een pijler, centraal in de ruimte en bekleed met zwarte en witte marmer. Voor stoffering en meubilering werd gekozen voor bruinige en groenige tinten. De meer private leefruimten, de gelijkvloerse speelkamer en de slaapkamers op de verdieping, waren eigenlijk nog niet afgewerkt. De keuken, die oorspronkelijk via een doorgeefluik met de eetkamer in verbinding stond, en badkamer moeten oorspronkelijk over een hoop historisch waardevolle elementen hebben beschikt, maar werden helaas grondig verbouwd.

Auteur: onroerenderfgoed
Meer informatie

Commentaar