Moeilijkheidsgraad   Middelmatig

Coördinaten 97

Geüpload 5 januari 2017

Uitgevoerd januari 2017

-
-
20 m
4 m
0
4,4
8,7
17,43 km

17 maal bekeken, 0 maal gedownload

nabij Deventer, Overijssel (Nederland)

Beginpunt: Deventer station. Eindpunt: Klarenbeek station
De hanzestad Deventer biedt vele mogelijkheden voor een uitgebreid bezoek. Loopt u liever direct de natuur in, dan komt u aan de overkant van de IJssel ook aan uw trekken. Want deze wandeling laat u kennismaken met een vrijwel onbekend stukje prachtig Gelderland. Tot Wilp loopt het Marskramerpad samen met het Hanzestedenpad door de uiterwaarden. Van Wilp naar Voorst volgt u de kronkelende en bomenrijke Veluwse Bandijk, nationaal bekend als de ‘bomendijk’. Het is, met z’n uitzicht over de uiterwaarden aan de ene kant en het uitzicht op het coulissenlandschap aan de andere kant, een absolute topper onder de wandelpaden. Van Voorst naar Klarenbeek loopt u door het Appense bos.
Station Voor meer informatie en treintijden verwijzen wij u naar www.ns.nl
Al in de 8e eeuw was hier een handelsnederzetting, die zich snel ontwikkelde tot één van de weinige grote vroegmiddeleeuwse steden. In de 10e eeuw begon de grote opleving van de handel voor Deventer. Deze zette door tot ver in de late Middeleeuwen. Naast graan, laken, zout en hout werd ook veel vis verhandeld naar Duitsland. Deventer was een prominent lid van het Hanzeverbond en mocht zich zelfs Keizerlijke Vrije Hanzestad noemen. De keizerskroon siert dan ook nog steeds het stadswapen. Deventer was vooral in de 14e en 15e eeuw belangrijk als jaarmarktstad. De stad werd hèt ontmoetingspunt voor handelaren die overal vandaan kwamen. Ook voor de boekdrukkunst was Deventer een belangrijk centrum. Het oude Deventer is goed te zien in de wijken Bergkwartier en Noorderbergkwartier en op de pleinen Grote Kerkhof en Brink. Bij het VVV-kantoor op de Brink zijn verschillende stadswandelingen verkrijgbaar.
Deventer is onlosmakelijk verbonden met de Deventer koek. Meer dan 500 jaar lang is de koek al verkrijgbaar in Deventer. Weet u al hoe de koek smaakt? Bij het Deventer Koekhuisje (Brink 84), een authentiek ingerichte koffie- en theeschenkerij, kunt u de koek zowel proeven als kopen.
Wie zich wil verdiepen in de ­historie van Deventer, moet beslist een bezoek brengen aan het Historisch Museum Deventer (Brink 56). Het museum is gehuisvest in de monumentale Waag uit 1528. In dit scheefstaande gebouw met zijn verschillende bouwstijlen maakt u niet alleen kennis met de stichter van de stad, Lebuïnus (768 n. Chr.), maar ook kunt u er een heus koggenschip bewonderen.
Hotel Hanzestadslogement "De Leeuw" is een kleinschalig hotel in een monumentaal pand uit 1645 in het historische centrum van de Hanzestad Deventer met een koffie- en theeschenkerij, Oudhollandse snoepwinkel en een Hanze-museum met een van de grootste verzameling koekplanken en koffiemolens. Het hotel heeft 9 kamers (8 met kitchenette) en een familie-appartement voor 2-6 personen. Op de binnenplaats kun u heerlijk genieten van "Deventer" koffie met Deventerkoek.....Dineren, slapen en dan de volgende dag na het ontbijt weer verder wandelen. Zie www.hoteldeleeuw.nl of via [email protected]
Maak nu voordelig kennis met onze WANDELNET ARRANGEMENTEN Maak nu voordelig kennis met één van onze schitterende wandelhotels gelegen in een natuurrijke omgeving. In samenwerking met Wandelnet hebben wij speciaal voor u een 2-daags Wandelnet Arrangement samengesteld:•1 x overnachting •1 x uitgebreid ontbijtbuffet •1 x 3-gangen diner op dag van aankomst •Informatiepakket van de omgeving inclusief wandel- en fietsroutes
De stokvis is ook nog terug te vinden in Deventer namen en het schild van het Bergenvaardersgilde. Dit gilde voerde een schild met een gekroonde stokvis, dat terug te vinden is aan de gevel van de in 1560 gestichte Athenaeumbibliotheek aan het Klooster nr. 12.
In 1358 bracht een knecht namens de stad Deventer een brief naar ‘Duestervoert’. Vermoedelijk woonde hier toen al een Van Apeldoorn, later invloedrijk lid van het Deventer koopmansgilde. De Van Apeldoorns behoorden in de 15e eeuw tot de lage adel (ridders). Duistervoorde was een versterkt huis met in de 18e eeuw enorme landerijen. In 1864 kreeg het na een ingrijpende verbouwing het huidige uiterlijk. Toen de rooms-katholieke kerk eigenaar van het huis werd, werd de Martinuskerk ernaast gebouwd (in 1888). In het huis werd een bewaar- en naaischool ingericht, geleid door zusters. In 1967 verlieten de zusters Duistervoorde. Het huis is nu privébezit.
Deventer is een van de oudste steden van Nederland en heeft een rijk historisch verleden. Al in de 8e eeuw was hier een handelsnederzetting, die zich snel ontwikkelde tot een van de weinige grote vroegmiddeleeuwse steden. In de 10e eeuw begon de grote opleving van de handel voor Deventer. Deze zette door tot ver in de late middeleeuwen. Deventer was een prominent lid van het Hanzeverbond en mocht zich zelfs Keizerlijke Vrije Hanzestad noemen. De keizerskroon siert dan ook nog steeds het stadswapen. Deventer was vooral in de 14e en 15e eeuw belangrijk als jaarmarktstad. De stad werd hèt ontmoetingspunt voor handelaren die overal vandaan kwamen. Het oude Deventer is goed te zien in de buurten het Bergkwartier en het Noorderbergkwartier, op de pleinen het Grote Kerkhof en de Brink. Bij het VVV-kantoor op de Brink zijn voor de liefhebbers verschillende stadswandelingen verkrijgbaar.
Bushalte grote kerkhof Voor meer informatie en haltetijden verwijzen wij u naar www.9292ov.nl
Hotel de Vischpoorte te Deventer, een prachtig stadshotel aan de IJssel en in het centrum van Deventer. Alle kamers c.q. appartementen hebben een gedeeltelijk of geheel uitzicht over de IJssel en beschikken o.a. over een koelkast, magnetron en koffie- en thee faciliteiten. De meeste wandel- en fietsroutes lopen direct langs ons hotel. Dus unieke locatie en prachtige kamers en appartementen. We heten u van harte welkom! Zie ook www.vischpoorte of contact [email protected]
Deventer De Welle - De Worp Voor meer informatie over veerpont en vaartijden verwijzen wij u naar de website van Vrienden van de Voetveren: http://www.voetveren.nl/21-overzicht.php
Een deel van de IJsselkade, De Welle, werd gebruikt als los- en laadplaats voor de koggen en andere vrachtschepen van de Hanzesteden. De rivier was hier breed genoeg voor dergelijke activiteiten. Aan de Welle bevond zich ook de tolplaats waar de tol voor passerende schepen werd geïnd. Sinds 1241 bezat Deventer namelijk de rechten voor de Katentol, een tolplaats die zich oorspronkelijk bij het nabij Zwolle gelegen Katen bevond, maar door de Deventenaren naar hun eigen stad werd overgebracht. De tol werd voldaan aan de tolgaarder die per roeiboot de passerende schepen aandeed. Als handelslieden zich aan de tolplicht wilden onttrekken had men een tweede roeiboot achter de hand.
Een deel van de IJsselkade, De Welle, werd gebruikt als los- en laadplaats voor de koggen en andere vrachtschepen van de Hanzesteden. De rivier was hier breed genoeg. De schepen meerden in die tijd af aan houten beschoeiingen die langs de rivieroevers voor de stad werden opgetrokken. In de 16e eeuw, toen Deventer zijn grootste economische bloei bereikte, besloot het stadsbestuur de houten kaden te vervangen door stenen muren. De gemeente Deventer is druk bezig met de restauratie van de oude kademuren langs de Welle. Aan de Welle bevond zich ook de tolplaats waar de tol voor passerende schepen werd geïnd. Sinds 1241 bezat Deventer namelijk de rechten voor de Katentol, een tolplaats die zich oorspronkelijk bij het nabij Zwolle gelegen Katen bevond, maar door de Deventernaren naar hun eigen stad werd overgebracht. De tol werd voldaan aan de tolgaarder die per roeiboot de passerende schepen aandeed. Voor het geval handelslieden zich aan de tolplicht wilden onttrekken had men een tweede roeiboot achter de hand.
In de Stads- of Bolwerksweiden waren vroeger zoals in zovele andere uiterwaarden grote steenbakkerijen gevestigd. De steenbakkers mochten hun vee gratis weiden op stadsgrond en kregen vrijstelling van verschillen-de belastingen. De Stadslanden in de uiterwaarden waren van groot belang voor de stad vanwege de jaarlijkse verkoop van het gras dat er groeide. De stad kende ook veel stads- of zogenoemde wortelboeren. Deze boeren woonden in de stad en hadden daar ook het vee op stal, maar hun land lag buiten de stadswallen.
De Bolwerksmolen is nog de enige werkende windhoutzaagmolen in Overijssel. Het is een achtkante bovenkruier uit 1863. De molen heeft acht velden die met riet bedekt zijn. Het kruiwerk zit boven in de molen en wordt van buitenaf bediend. Van de molen draait alleen de kap. Vanaf de stelling, de omloop rondom de hele molen, kon de molenaar de zeilen op de wieken leggen en het kruiwerk bedienen. Binnen, op de zaagvloer, zijn de grote sleden te zien, waarop de te zagen stammen vroeger en ook nu weer door de drie zaagramen worden gehaald. De molen is van mei tot en met september te bezichtigen op dinsdag en zaterdag. Meer info op www.bolwerksmolen.nl.
De Bolwerksmolen kwam gereed in 1863 en is de enige windhoutzaagmolen in Overijssel. Het is een achtkantige bovenbuitenkruier. De molen heeft acht velden die met riet bedekt zijn. Het kruiwerk zit boven in de molen en wordt van buitenaf bediend. Van de molen draait alleen de kap. Vanaf de stelling, de omloop rondom de hele molen, kon de molenaar de zeilen op de wieken leggen en het kruiwerk bedienen. Binnen, op de zaagvloer, zijn de grote sleden te zien, waarop de te zagen stammen vroeger en ook nu weer door de drie zaagramen worden gehaald. De molen is van mei tot en met september te bezichtigen op dinsdag en zaterdag. Meer informatie: www.bolwerksmolen.nl.
In de Stads- of Bolwerks­weiden waren vroeger zoals in zoveel andere uiterwaarden nog uitgebreide complexen steen­bakkerijen gevestigd. De steenbakkers mochten hun vee gratis weiden op stadsgrond en kregen vrijstelling van verschillende belastingen. De Stadslanden waren de uiterwaarden, die de stad toebehoorden. Van groot belang voor de stad was de jaarlijkse verkoop van gras, dat op de stadsgronden groeide, aan de boeren in en buiten de stad. De stadsboeren, die hun land buiten de stadswallen hadden, werden ook wel wortelboeren genoemd. Deze boeren woonden dus in de stad en hadden daar ook hun vee op stal.
In 1484 wordt de plaats van De Yperenberg aangeduid als Jan van Iperenshuis. Het was toen “een steenen gebouw met ringmuuren omsloten, bedoeld om veedieven en kwaadwillenden te weeren.” Waar nu op de grens van Wilp en Deventer in de uiterwaarden een boerderij op een terp ligt, heeft vroeger een versterkte boerderij gelegen. Het huis stond als extra versterking op een plek, waar een weg de landweer doorstak. Deze landweer was een wal met een dichte begroeiing van doornenhagen, die de stad Deventer aan deze kant van de Ijssel moest beschermen.

Commentaar