Moving time  2 uur 39 minuten

Tijd  2 uur 48 minuten

Coördinaten 2320

Geüpload 17 mei 2020

Uitgevoerd mei 2020

-
-
40 m
26 m
0
3,2
6,4
12,71 km

9 maal bekeken, 0 maal gedownload

nabij Hoolst, Flanders (Belgique)

Deze wandeling illustreert de natuurpracht die Vlaanderen nog steeds rijk is, maar jammer genoeg ook de versnippering van deze natuurgebieden aangezien onze regio steeds meer wordt volgebouwd. Grote delen gaan over verharde wegen en bezorgen deze route een zure nasmaak.

Het natuurgebied van Scheps wordt op de website van de gemeente Balen aangeprezen als een openluchtmuseum voor de natuur en de Schepswandeling werd in 2012 bekroond met de titel van wandeling van het jaar. Deze superlatieven kan je enkel beamen wanneer je de eerste kilometers door dit mooie natuurgebied wandelt. Deze vallei kent een mooie combinatie van beekvallei, ruigtes, vennen en open graslanden die zeker in de lente weet te imponeren als alles in bloei staat. Enkele zijstapjes zoals die naar de vogelkijkwand zijn zeker de moeite om op een rustige manier van de aanwezige flora en fauna te genieten. Dit is eveneens moerasgebied en het is markant hoeveel knuppelpaden je op je weg tegenkomt.

Helaas zijn er ook veel stukken op verharde wegen en dat zorgt toch voor een significant nadeel van dit traject. Het eerste verharde stuk dat je op je weg tegenkomt, verbindt de natuurgebieden Scheps en De Vennen en zijn helaas twee saaie kilometers langs verhard beton op niet eens zo rustige wegen. De natuur is gelukkig weer in overvloed aanwezig in De Vennen waar er een prachtig knuppelpad loopt door de verscheidene vennen en je waant je zodoende midden in de natuur. Deze passage van ongeveer twee kilometer wordt opnieuw opgevolgd door verhard wegdek.

Het gedeelte verhard wegdek telt nu bijna drie kilometer en brengt je voor de tweede keer over een spoorlijn. Over dit stuk valt er weinig te zeggen. Je wandelt hier op brede wegen en daar is eigenlijk alles mee gezegd. Het laatste kwart van de wandeling gaat terug naar het groen waar je op servitudes wandelt door landbouwgebied. Niet meteen een hoogvlieger als wandelroute, maar uiteraard wel een stuk beter dan de saaie kilometers op verhard wegdek. In dit landbouwgebied zie je vooral uitgestrekte graslanden en op het einde bevind je je terug in de Schepsvallei waar deze wandeling wordt afgerond.

Zelden hinkt een wandeling op twee gedachten als deze route. De natuurpracht in de natuurgebieden Scheps en De Vennen is fantastisch, maar deze stukken worden helaas overschaduwd door de lange gedeeltes op verhard wegdek. Laat je dat echter niet tegenhouden om te genieten van deze ongerepte stukjes natuur.
Wildlife sighting

Vogelkijkwand

Brug

Brug over Grote Nete

De Grote Nete is een zijrivier van de Nete in het stroomgebied van de Schelde. Ze heeft een lengte van ongeveer 80 kilometer en is bevaarbaar vanaf de versperring van Oosterlo.[1] De Grote Nete ontspringt ten noordoosten van Hechtel. Vanaf Lier stroomt ze samen met de Kleine Nete en vormt ze de Nete of de Beneden Nete. De Grote Nete ligt zuidelijker dan de Kleine Nete en stroomt door volgende gemeenten: Meerhout, Balen, Geel-Oosterlo, langs Laakdal, Westerlo, Herselt, Westmeerbeek, Hulshout, Booischot, Heist-op-den-Berg, Hallaar, Itegem, Herenthout, Berlaar, Kessel en Lier. Bij de samenvloeiing met de Kleine Nete heeft de Grote Nete paradoxaal genoeg een kleiner debiet dan de Kleine Nete. Haar voornaamste zijrivieren zijn de Wimp, de Molse Nete en de Grote Laak. Via de Grote Laak, ontving de Grote Nete ook veel vervuiling van Tessenderlo Chemie. Vanaf 2013 begon Natuurpunt met in het brongebied van de Grote Nete een aangesloten natuurgebied "Grote Netewoud" geleidelijk uit te bouwen. Voor de laatste ijstijd (Weichselien) was de vallei van de Grote Nete nog niet zo sterk uitgesleten. Tijdens de voorlaatste ijstijd (Saalien) waterde de Grote Nete af naar de Dijlevallei via wat nu de vallei van de Laak is[2]. Tijdens de laatste ijstijd nam de vegetatie terug af en trad er grootschalige erosie op. Het afgevoerde puin blokkeerde de afvoer naar de Laak en de Grote Nete ging daarop afstromen naar de vallei van de Kleine Nete. Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Grote_Nete
Sacred architecture

De kapel van Sint-Thomas van Canterbury, Schoor

Midden 15de eeuw besloten de inwoners van het gehucht Schoor een kapel te bouwen. De oude kapel was te klein en te bouwvallig en dus ging men op eigen initiatief en kosten aan de slag. Ze droegen het gebouw op aan O.L. Vrouw, de Heilige Barbara en aan de Heilige Thomas van Kantelberg (oftewel Canterbury). Deze laatste aanbad men het meest als beschermer tegen brand en alle ongelukken veroorzaakt door vuur. De bouw van de houten kapel begon in 1460 en werd in 1461 voltooid. In 1470 verenigde men de kapelgoederen met die van de centrumkerk en wekelijks lazen de Witte Abdijheren uit Averbode er de mis. Tot de 17de eeuw verliep alles rustig. Begin 1600 takelden de Geuzen de kapel echter zwaar toe. Een volledige heropbouw was nodig maar de inwoners van Schoor hadden hiervoor niet genoeg geld. Ze stuurden daarom een smeekbrief naar de bisschop van Den Bosch om de kapelgoederen terug te geven. Met de opbrengst hiervan konden ze de heropbouw bekostigen. Bovendien voelden ze zich gesteund door de prelaat van Averbode en de toenmalige pastoor van Balen (E.H. Hoevenaers). De bisschop willigde de smeekbede in op één voorwaarde: alle inkomsten van de kapel moesten gebruikt worden om in het onderhoud van een priester te voorzien die de kapel zou bedienen. Zo gezegd, zo gedaan. De priester hield er zes wekelijkse missen. In het Kapellenhuis (priesterlijke woning) gaf hij ook les aan de kinderen van het gehucht. In 1618 voltooide men de nieuwe bakstenen kapel. Het torentje voegde men pas toe in 1692. Toen in 1648 de centrumkerk ontoegankelijk werd wegens een kerkbrand, ving men de kerkgangers tijdelijk op in deze kapel. Op het einde van de 18de eeuw (Franse Tijd) werd de kapel gesloten en het Kapellenhuis openbaar verkocht. Alle kapelgoederen werden begin 19de eeuw verenigd met die van de parochiekerk van Sint-Andreas. Jaren later in 1960, na het klasseren van het monument in 1948, vond men tijdens werken mensenbeenderen terug. Dit bewees dat er vroeger een kleine begraafplaats lag. Het bakstenen zaalkerkje heeft een driezijdig gesloten koor en dakruiter. De westgevel is gesloten, een korfboogdeur bevindt zich in de zuidgevel. Het koor wordt verlicht door gedeeltelijk dichtgemetselde spitsboogvensters. De datum ‘1618’ in de zuidgevel verwijst waarschijnlijk naar een verbouwing in laatgotische stijl van de in oorsprong oudere kapel. Recente restauraties vonden plaats in de 20ste eeuw. De kapel van Schoor is sinds 1948 een geklasseerd monument. Bron: Erfgoed Balen vzw
foto

Uitzicht op een ven

Brug

Brug over Kleine Hoofdgracht

In het beekdallandschap van De Vennen stromen naast de Grote Nete nog twee andere beken, met name de Grote en de Kleine Hoofdgracht. Deze kunstmatig gegraven beken, eigenlijk grachten, worden gekenmerkt door een uitzonderlijk goede waterkwaliteit. Ook de Grote Nete zelf is hier in haar bovenloop nog behoorlijk zuiver. Bron: https://www.balen.be/product/467/natuurgebied-de-vennen
Building of interest

Het Oorlogskruis van de Malou

Langs de Antverpialaan staat het Oorlogskruis van de Malou, ook bekend als de 'Calvarieberg'. Het is een gedenkteken voor de Balense burgerslachtoffers in de nadagen van de Duitse bezetting tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het oorlogsdrama van de Malou (zie verder) vond plaats op 11 september 1944, bij de terugtocht van de Duitse bezetter. Enkele terugtrekkende SS-soldaten haalden tien onschuldige burgers uit hun huizen en dwongen hen een diepe put te graven. Toen dat was gebeurd werd het vuur op de burgers geopend. Twee van hen overleefden de aanslag en konden nog voortvertellen wat er was gebeurd. Onder het groot Christusbeeld van dit monument werden de namen aangebracht van de tien slachtoffers. Elke jaar in september wordt het drama herdacht aan het Oorlogskruis, samen met de Vaderlandslievende verenigingen en enkele Balense schoolkinderen. Tijdens de plechtigheid vliegen helikopters van het 17de squadron (waar de gemeente Balen een peterschap over heeft) van het Belgische leger over. Het oorlogsdrama van de Malou De nakende Bevrijdingsdagen waren voor de gemeente Balen en de toenmalige gemeente Olmen een echte tragedie. Op 11 september 1944 gaf het Duitse legercommando aan de burgerbevolking van Oostham, Olmen en Balen het bevel om hun huizen te verlaten en het hele grondgebied te evacueren. De regio zou volgens Duitsland namelijk frontgebied worden. Drie vrachtwagens met jonge Duitse soldaten hielden halt in Schoorheide. Ze hadden de spiegeltjes van hun uniformkragen en alle kentekenen van hun jassen getrokken. Volgens sommigen onder hen waren zij bij de terugtocht uit Leopoldsburg door burgers onder vuur genomen. De Duitse soldaten doorzochten de huizen en dreven een tiental mannen bij elkaar. Victor Gypen en Jef Verpoorten, de koster, waren de eersten die werden meegevoerd naar een braakliggend stuk land. Daar moesten de twee mannen beginnen graven. Toen de kuil ongeveer een meter diep was, werden ze neergeschoten. De koster was op slag dood. Victor Gypen liet zich te vroeg vallen. Hij was wel in zijn linker schouder gewond, maar bleef roerloos liggen. Na lange tijd werden nog anderen meegebracht: het waren Peer Geuens, Jef Geuens, Ferdinand Goris, Bert Keyken, Michel Alen, Jan Ruymaekers, Ferdinand Ruymaekers en Frans Geukens. Zij werden neergeschoten, in de kuil gegooid, en met aarde bedekt. Victor ('Toor') Gypen en Ferdinand ('Nand') Ruymaekers leefden nog en konden zich later uit de kuil bevrijden. Samen kropen ze naar een verder gelegen boerderij. De boer ging ’s nachts hulp halen en ‘s anderendaags werden ze op een stootkar naar het gasthuis van Balen gebracht. De twee mannen genazen van hun wonden en droegen het gruwelijk gebeuren nog heel wat jaren met zich mee. Nand Ruymaekers overleed te Balen op 4 mei 1978. Victor Gypen werd heel wat ouder en overleed te Balen in 1989. In de nabijheid van de plaats waar het Malou-drama zich afspeelde, werd een herdenkingskruis opgericht ter nagedachtenis van de slachtoffers. Het monument is ook bekend als de ‘Calvarieberg’. Onder een groot Christusbeeld werden de namen aangebracht van de tien slachtoffers die op 11 september 1944 ter plaatse werden neergeschoten. Bron: Erfgoed Balen vzw in samenwerking met werkgroep Balen Bevrijd
Sacred architecture

Kapel Onze-Lieve-Vrouw van Smarten

Op de hoek met de Bruine Kolk ligt de kapel Onze-Lieve-Vrouw van Smarten, opgericht in 1941-1942 door de buurtbewoners. Achter de kapel bevinden zich twee linden. Eenvoudige bakstenen kapel op rechthoekige plattegrond onder zadeldak (nok loodrecht op de straat, mechanische pannen). Mijterboogdeur in dito spaarveld; ijzeren hek. Bepleisterd interieur met gedrukt tongewelf en cementtegelvloer; plaasteren piëta. Bron: https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/52217
Sacred architecture

De Sint-Odradakapel van Scheps

Deze kapel werd in 1896 gebouwd in de omgeving van het Hof van Scheps. Volgens de legende werd in dit Frankisch hof de Heilige Sint-Odrada in de achtste eeuw geboren. Zij werd aanroepen tegen oog- en veeziekten en tegen 1654 bevonden haar relieken zich in Balen. Frontaal tegenover de kapel staat een Lourdesgrot van imitatie-rotsstenen. Achter de kapel vond je de Odrada-put met heilzaam water tegen oogkwalen en dierenziekten. In de noordelijke hoek van dit park zie je een stenen Odrada-beeld op bakstenen sokkel met de vermelding 'Balen aan Ste Odrada / 13 juli 1947'. Het is een getrouwe kopie van een beeld uit 1891 uit de Sint-Andrieskerk. De grond waarop de kapel zich bevindt, werd aan de Balense kerkfabriek geschonken door de familie Lambrechts uit Vorst. Het bakstenen bouwwerk, in neogotische stijl, werd plechtig ingehuldigd op 5 november 1896, feestdag van Sint-Odrada. Bron: Erfgoed Balen vzw

Commentaar