Michampe

Tijd  3 uur 12 minuten

Coördinaten 528

Geüpload 8 maart 2015

Uitgevoerd maart 2015

-
-
230 m
140 m
0
2,0
4,0
7,93 km

1405 maal bekeken, 19 maal gedownload

nabij Nismes, Walloon (Belgique)

|
Origineel weergeven
The Hawk Rock (OTV) _7,6km
Start: Jewish Street / Communal Park in Viroinval - Nismes

Volg de gele markeringen / Volg de gele rechthoekjes / Volg de gele rechthoeken

inleiding

In het begin zelfs klimmen, nadien passen wandelweg.
Lange wandeling door het natuurgebied en zijn grote afgeronde kuilen in kalkrotsen (Abannets) naar aan "Roche aux Falcons" (Valkenrots) in zijn prachtig uitzicht. Terugkerend via het bos van "Mousty".

Lange wandeling door het natuurreservaat en zijn afgronden gegraven in de kalksteen (Abannets) tot de "Roche aux Falcons" en zijn prachtige uitzicht. Back after loop door het Bois du Mousty.

Een lange wandeling door het natuurreservaat en zijn grote afgeronde putten in de limerocks (Abannets) naar de "Falcons Rock" (Rots van de Valken). Terugkerend door het bos van "Mousty".
A partir de 1850, l’abandon progressif du pâturage sur les tiennes calcaires laissa en friche des centaines d’hectares. Pour rentabiliser au mieux ces parcelles, le Parc naturel et la Division de Nature et Forêt mettent en place un projet de valorisation du site du Mousty. Petit à petit, la butte calcaire s’est parée d’une cinquantaine de parcelles de résineux provenant des quatre coins du monde. On planta des tsugas originaires d’Alaska, des cèdres du Japon, des sapins de Crimée poussant jusqu’à 2000 mètres d’altitude, des pins jaunes des Montagnes rocheuses qui peuvent vivre 3000 ans… Avec tous ces arbres inconnus à Nismes, l’arboretum était né. Vanaf 1850, door de geleidelijke afschaffing van de weidegang op de kalkgraslanden werden deze braakliggend. Om deze percelen het meest te laten renderen, ontwikkelden het Natuurpark en de Divisie voor Natuur en Bos een project om de site van de Mousty te verbeteren. Geleidelijk aan werd deze kalkheuvel verdeelt over vijftig percelen voorzien van naaldbomen uit de vier hoeken van de wereld. Men plantte er Hemlocksparren oorspronkelijk uit Alaska, Japanse ceders, Crimée-dennen die tot op een hoogte van 2000m zelfs nog groeien, gele sparren van de Rotsgebergtes die meer dan 3000 jaar oud kunnen worden. Met al deze bomen die in Nismes nog onbekend waren werdt het Arboretum geboren. Since 1850, they started to abolisch the grazing on the chalk grasslands and they became fallow. For these plots to pay of the most, the Nature Parc and the Division for nature and woods developped a project to improve the site of the “Mousty”. Gradually this chalk hill was spread over 50 plots with pine trees from the 4 corners of the world. They planted Hemlock pines, originally from Alaska, Crimée pines who can live on a level of 2000m, yellow pines that grow in rocky mountains and can become more than 3000 years of age. With all these trees who were unknown in Nismes they made the Arboretum.
Het Zwarte Water heeft zijn oorsprong op het Rocroi-plateau in Petite-Chapelle en markeert de grens tussen België en Frankrijk voordat het uiteindelijk in België komt, bij het gehucht Nimelette. Ze steekt de Ardennen over voordat ze bij Couvin komt waar ze de Calestienne binnenkomt. In de plaats Petigny, in de "Grottes de l'Adugeoir", is het verdeeld in een ondergrondse tak en een in de open lucht. De ondergrondse tak verschijnt weer in Nismes (zie de heropleving in punt 20) en sluit zich aan bij de tak achtergelaten in de open lucht aan de voet van de dorpskerk. Enkele kilometers verder ontmoet Eau Noire Eau Blanche bij Dourbes om Viroin te baren. Van Eau Noire is een bronzier van der Viroin die ontspringt in Rocroi (Frankrijk) op een hoogte van 350 meter. Kort na de bron gaat zij over vijf vijf kilometer van grens met Frankrijk vooraleer noordwaarts af te buigen. Zelfs voorbij Couvent, most stad aan de rivier, goes an deel van de rivier ondergronds door Neptune caves ook wel "Caves of the Adugeoir" genaamd. Van ondergrondse vertakking vloeit te Nismes weer samen zet hoofdstroom. Bij de "Roche à Lomme" vloeit van Black Water op 150 meter hoogte samen met het White Water om de Viroin te vormen. Black Water is een sourceriver van de Viroin die op 350 meter hoogte in Rocroi (Frankrijk) opkomt. Kort daarna is het onderweg met Frankrijk gedurende 5 kilometer voordat het naar het noorden gaat. Net voorbij Couvin, de belangrijkste stad aan de rivier, loopt een deel ervan ondergronds door de "Grotten van Neptunus" die ook "Grotten van het Adugeoir" worden genoemd. De riviertak stroomt naar de Nismes en stroomt daar naar de hoofdstroom. Vlakbij de "Roche à Lomme" wordt de Viroin gevormd door de samenvloeiing van zwart water en wit water op een hoogte van 150 meter.
C'est probablement vers 1408, suite à l'invasion bourguignonne et à la destruction du château-fort, que l’on construisit sur le même emplacement une maison en pierres qui devait loger le premier bailli, Jehan d'Avignon. Les baillis étaient, sous l'Ancien Régime, les officiers de justice, délégués du Prince-évêque et détenteurs de l'argent des impôts. L'époque des Baillis prend fin en 1745. Plusieurs propriétaires se succèdent alors jusqu'en 1970, année durant laquelle la commune de Nismes fait l'acquisition afin d'y créer un musée. Aujourd'hui, entièrement restaurée, la «Maison des Baillis» est devenue la Maison du Parc naturel Viroin-Hermeton et la Maison de l’Urbanisme de l’arrondissement de Philippeville. En 2012 L'OFFICE DU TOURISME est déménager vers cette batiment aussi. Het is waarschijnlijk door de invasie van Jan de Bourguignonne (Jan zonder Vrees) en de vernietiging van het fort, dat men op deze plaats een stenen huis hebben gebouwd waar de eerste baljuw, Jehan d’Avignon, kon verblijven. De baljuw’s waren onder oude regime verantwoordelijk over het bestuur, justitie, financiën en het leger van het Prins-Bisschopdom. De geschiedenis van de baljuw’s eindigde in 1745. Meerdere eigenaars hebben zichzelf hier van het leven beroofd tot 1970, het jaar waarin de gemeente Nismes besliste om hier een museum te stichten. Nu is dit huis volledig gerenoveerd en doet het dienst als Huis van het Natuurpark Viroin-Hermeton en het Huis van Stedebouw van het arrodissement de Philippeville. In 2012 is het OFFICE DU TOURISME ook naar hier verhuisd. It’s probably because of the invasion of Jan de Bourguignonne and the destruction of the fort, that they have build a stone house for the first bailiff (Jehan d’Avignon) on this place. The sherrif’s that served under the old regime were responsible for the governance, justice, finance and the army of the Prince-diocese. The history of the bailiff’s ended in 1745. Severel owners had committed suicide here until 1970, at that moment the town Nismes decided to make a museum here. Now this house is completely renovated and serves as House of the Naturepark Viroin Hermeton and the House for Urbanism for the region Philippeville. In 2012 the OFFICE FOR TOURISM also moved here.
Superbe point de vue sur le village d’Olloy, ainsi que sur la carrière encore partiellement exploitée, vue en coupe de la structure du sous-sol. Sur une partie de la carrière, il est possible de pratiquer l’escalade, avec autorisation du propriétaire bien entendu. La butte dans laquelle est « taillée » de la carrière, est lieu dit de Sangles, autrement dit, « ceinture », je l’ai évoqué à Dourbes, parlant d’oppidum défensif, ayant accueillis les « néolitiques », les Celtes, les Romains, armées et populations, lors de conflits. Cet oppidum est protégé sur trois côté, de façon naturelle. Un seul côté restait à défendre, et pour ce faire, des fossés et des murs de rondins remplis de terre et de pierres furent parfois construits. Au bas, vous voyez la sortie du tunnel du CFV3V, tunnel faisant un peu plus de 500 mètres de long, et dont la ligne passe par Olloy avant de gagner Vièrves. Descendons dans la vallée, mais avant, profitez encore une fois de la vue que vous avez du versant ardennais, ici, c’est la Calestienne, là, sur une ligne bien nette, c’est l’Ardenne que nous allons à partir d’Olloy, longer en bordure jusque Vièrves. Een prachtig uitzicht over het dorp van Olloy en op de steengroeve die nog gedeeltelijk gebruikt wordt, te zien aan de doorsnede van de ondergrond. Op een deel van de groeve is het mogelijk om te gaan klimmen met toestemming van de eigenaar natuurlijk. De top die uit de groeve “gesneden” werdt, wordt ook wel de “Sangles” genoemd, of anders genoemd de riem, volgens de mensen van Dourbes, het verdedigende oppidum. Dit oppidum was vooral belangrijk voor de verblijvende “neolitische” Kelten, Romeinse legers en andere bevolkingsgroepen tijdens conflicten. Dit oppidum is natuurlijk beschermd aan drie kanten. De andere kant werd overgelaten om te verdedigen en dit deden ze door sloten, muren en met aarde en stenen gevulde boomstammen. Aan de onderkant zie je de uitgang van de tunnel van de CFV3V, deze is ongeveer 500m lang en maakt een verbinding tussen Olloy en Vierves. Afdalend in het dal, maar geniet vooral nog eens van het uitzicht die je hier hebt over de helling van de Ardennen. Hier is het de Calestienne en heb je een mooie grens met de Ardennen vanaf Olloy en erlangs tot in Vierves. A beautiful view over the village of Olloy and the quarry which is still partly in use, see the section of the substrate. On one part of the pit is possible to go climbing with the consent of the owner of course. The top that has been “cut” out of the quarry, is also named the “Sangles”, according to the people of Dourbes, the defending oppidum. This oppidum was important for the “neolithic” Celts, Roman armies and the other groups that lived here, during conflicts. This oppidum is naturally protected on three sides. The other side was still left to defend and they did it by making ditches, walls and tree trunks filled with earth and stones. At the bottom you see the exit of the tunnel of CFV3V, this tunnel is about 500m long and connects Olloy with Vierves. Descending into the valley, but enjoy the view that you have here on the slopes of the Ardennes. Here is the Calestienne and there’s a beautiful border with the Ardennes from Olloy and lined up to Vierves.
Punt van heropleving van Black Water, een deel van de cursus snelt naar de Grotten van Neptunus, voorheen "adugeoir" genoemd. De Kelten hadden deze plaats gedoopt: NEM, later gelatiniseerd in de vorm van: NEMAUS. Het woord betekende: de hemel, of de heilige, of de heilige plaats, vanwege deze heropleving die ze namen voor een gezegende bron van de goden, met zijn zuivere water dat nooit bevroor en ook niet opdroogde. Deze heropleving lang vormde het centrum van het dorp, met het huis van de gerechtsdeurwaarders, de ruïnes van de oude versterkte kerk, de pastorie, enz. Jarenlang werd een brouwerij genaamd "Brasserie d'Avignon" van de familie François geïnstalleerd in een van de gebouwen in de buurt van de heropleving. Daden van waterzwart zeewier, waarvan een deel feit door Grotten van Neptunus stroomt. Vroeger noemde men deze van "Grotten de l'Adugeoir". Van Kelten doopten elf plaats plaatst naam: NEM, een afkorting van het Latijnse NEMAUS. Het genoemde woord betekent: de hemel van de heilige, ook van heilige plaats, dacht dat deze heropleving door de goden werd gecreerd, met zijn zuiver water, dat nooit bevroor en nooit wilde werd. Hierrond werd het dorp gecreerd, zet Huis van de Baljuw, van ruïne van de oude versterkte kerk, van pastorie, enz. Gier jaren was er gisteren van "Brouwerij van Avignon" gevestigd, beheerd door François familie. Deze plaats is de heropleving van Zwart Water, waarvan een deel stroomt door "de Grotten van Neptunus". Vroeger heette het "Grot van het Adugeoir" (adugeoir = plaats waar het water de grotten binnenkomt). De Kelten noemden deze plaats NEM, een afkorting van het Latijnse NEMAUS. Dit woord betekent "Hemel" of "Heilige" of zelfs "Heilige plaats", en het kreeg deze naam omdat men dacht dat het door de goden was geschapen, met zijn zuivere water dat nooit bevroor en nooit wild werd. Rond deze plek creëerden ze het dorp, het Huis van de Baljuw, de ruïnes van de oude versterkte kerk, de pastorie, enz. Jarenlang was er ook de gevestigde brasserie Avignon, beheerd door de familie Francois.
Le majustueux bâtiment près du vieux mur du château est appelé à Nismes « Château Bivort ». Si ce n’était pas que Simon Bivort avait fait construire la plus grande partie de cette demeure, on aurait pu appeler cet imposant édifice aussi bien « Château de Horne », « de Baillet » ou « Château Delhalle », car les maîtres de forges de ces noms ont également habité cette maison. En l’absence d’héritiers mâles cette propriété est toujours passée de père en fille. La demeure prenait ainsi chaque fois le nom du beau-fils de maître de forges. Het majestueuze gebouw dat zich bij de oude kasteelmuur bevindt wordt in Nismes het « Château Bivort » genoemd. Ware het niet dat Simon Bivort het grootste deel van deze woning gebouwd heeft, konden we het evengoed « Château de Horne », « de Baillet » of « Château Delhalle » noemen, want deze ijzermeesters hebben er ook gewoond. Bij gebrek aan mannelijke erfgenamen werd deze eigendom altijd doorgegeven van vader op dochter. Deze woonst nam zodoende altijd de naam aan van de schoonzoon van de ijzermeester. The majestic building located near the old castle wall is the “Château Bivort”, that is what they call it in Nismes. If not Simon Bivort built most of this building, we could called it as well “Château de Horne”, “de Baillet” or “Château Delhalle”, because these ironmasters lived there to. In the absence of male heirs the property was always passed from father to daughter. This house has always received the name of the son in law for that reason.
Un véritable chef-d'oeuvre de la nature, sans pareil dans notre pays. Par le jeu de l'eau qui a duré des millions d'années, un énorme gouffre, pouvant atteindre à certains endroits 20 mètres de profondeur, s'est formé dans la pierre calcaire. Il est paré de gigantesques roches aux courbes particulièrement douces. Ces gouffres naturels sont appelés "Fondrys". En Belgique, on en trouve uniquement dans la région du Viroin. Près du "Fondry des Chiens", s'étend une magnifique pelouse calcicole où apparaissent au printemps, des milliers de capitules blues de la globulaire. Le site est entièrement protégé et est classé comme "monument naturel". Een echt meesterwerk van moeder natuur uniek in ons land. Door het miljoenen jaren durende spel van water is in het harde kalkgesteente een enorme kuil uitgesleten die plaatselijk tot 20m diep is. Hij wordt opgesmukt met gigantische rotsblokken de onwaarschijnlijk zachte rondingen vertonen. Deze natuurlijke kuilen worden dolines genoemd; ze komen in België uitsluitend voor in de Viroinstreek. Naast de "Fondry" ligt een enig mooi kalkgrasland waar in de lente vooral duizenden blauwe bloemhoofdjes van de zeldzame kogelbloem opvallen. Het ganse gebied is integraal beschermd en werd geklasseerd als natuurmonument. A real masterpiece of Mother Nature unique in Belgium. Trough milions of years, the water made a huge pit in the chalk rocks that has a maximun dept till 20m. It is decorated with giant boulders who have gentle curves. These natural pits are called “Dolines”; in Belgium you only find them in the Viroinregion. Next to the Fondry there’s a lovely chalk garssland where in Spring you can find thousands of blue flowerheads from the rare Globularia. The entire area is a protected and classified as a natural monument.
Deze gigantische kloof bevindt zich boven het pad van Eau Noire. De bodem van deze trechtervormige holte was vroeger bedekt met ijzererts. Dit erts werd verwerkt in de Licot-oven in Nismes. Zijn naam Matricolo komt van Mathieu Colot, voormalig minderjarige meester. Deze jumbo staatgrot bevindt zich boven van Water Black. Van bodem van deze trechtervorminge holte was vroeger bedekt met ijzererts. Het ijzererts bedroefd in van de Licentie van Nismes. De Naam Matricolo is afkomstig van Mathieu Colot, van oude mijnmeester. Deze enorme buitengrot bevindt zich boven de passage van Black Water. De bodem van de vorm van de trechter is formeel bedekt met ijzererts. Het ijzererts werd behandeld in de oven van Licot in Nismes. De naam Matricolo komt van Mathieu Colot, de oude mijnmeester.
Het "Abannets" -plateau werd volledig ontruimd om de plaatselijke ijzerindustrie-ovens van enorme hoeveelheden steenkool te voorzien, zonder welke ze niet konden functioneren. De meeste bomen waren gekapt, schapen en geiten aten de jonge scheuten op. Om de regeneratie van het bos te activeren, verbiedt de prins-bisschop van Luik, de houder van de macht van de regio in die tijd, de inwoners om hun dieren nog steeds op deze heuvel te laten grazen. De naam "Abannets" komt daarom zeer waarschijnlijk van het werkwoord "ban", verwijzend naar het verbod op begrazing. Het plateau van "The Abannets" werd volledig gerooid om van grote ijzerovens te voorzien van enorme hoeveelheden houtskool, want zonder zegt kon ze niet functioneren. Men heeft er bijna alle bomen omgelegd en de schapen en geiten eten de jonge scheuten van boompjes en struiken op. Om het bos weer een beetje in deftige staat te herstellen, verbood de Prins-Bisschop van Luik, had toen de macht had over deze regio, de towns om te grazen op deze heuvel. Van naam "Abannets" komt due waarschijnlijk van "banish", het verbieden. De schotel van "The Abannets" was volledig geruimd om de beste voorwaarden te bieden voor houtskool. Ze hebben bijna alle bomen en de schapen en geiten omgehakt. Om het bos te herstellen, verbood de prins-bisschop van Luik, die de macht had aan deze regio, de inhanitanten om hun dieren op de heuvel te laten grazen. De naam "Abannets" komt waarschijnlijk van "banish" wat verbiedt.
Cette carrière est appelée tienne Sainte-Anne. Les roches calcaires à cet endroit dates d’il y a environ 390 millions d’années. Cette carrière a essentiellement servi pour la production de chaux. Deze steengroeve wordt de « Tienne Siante-Anne » genoemd. De kalksteenrotsen op deze plaats dateren van ongeveer 390 miljoen jaren geleden. Deze steengroeve heeft vooral gediend voor het ontginnen van kalk. This quarry is called “Tienne Sainte-Anna”. The limestone cliffs on this site are dating from about 390 million years ago. This quarry has served mainly for quarrying limestone.
Op de ruïnes van de oude zestiende-eeuwse kerk, gebouwd op de ruïnes van een twaalfde eeuws kasteel, en op de versterkte begraafplaats, zijn er nog steeds drie grafstenen uit de zeventiende en achttiende eeuw behorend tot de vrouwen van de etters van Nismes. Archeologische opgravingen zijn al enkele jaren op deze site uitgevoerd. In de ruin van de oude kerk daterend uit de 16de eeuw, die op zijn draaischuur was op de ruïne van een fort uit de 12de eeuw staan ​​er nog 3 graftombes uit de 17de en 18de eeuw die een wieben aan de vrouwen van de ijzermeesters van Nismes. Archeologische onderzoeken hebben hier op jaren reclame. In de ruïnes van de oude kerk die dateert uit de 16e eeuw, die een van de ruïnes van een ruïne van de 12e eeuw is, zijn er nog steeds drie graven uit de 17e en 18e eeuw die behoren tot de vrouwen van de ijzeren meesters van Nismes. Archeologische onderzoeken zijn hier al jaren gedaan.

Commentaar