-
-
193 m
27 m
0
2,2
4,4
8,84 km

2614 maal bekeken, 44 maal gedownload

nabij Incourt, Wallonia (Belgique)

Wandeling van de Moulin.
Op deze wandeling ontdek je pareltjes. In het hart van het dorp word je betoverd door het kasteel annex hoeve met dikke middeleeuwse muren. Langsheen het parcours liggen kapelletjes en oude hoeven, langs een groot meer waar
vroeger de kwartsietgroeve van Opprebais lag. We mogen ook de windmolen Gustot niet vergeten, waar jaarlijks festiviteiten worden georganiseerd in het teken van brood...
Veel wandelplezier!
Vertrekpunt: place d’Opprebais.
Op dit plein valt meteen het kasteel annex hoeve van Opprebais op, een imposant
fort dat de macht van de familie d'Opprebais in de middeleeuwen aantoont. Dit geklasseerde monument, beschermd door ronde hoektorens, maakt indruk met zijn dikke muren in kwartsiet uit Opprebais. De huidige vierkantshoeve werd in
de 14de eeuw opgericht. Er werd vertrokken van een donjon-portaal dat uit
de 13de eeuw dateert. De oude donjon, die werd uitgebouwd,is vandaag het woongebouw. Rondom lag een slotgracht, waar vandaag nagenoeg niks meer
van overblijft. Het fort werd op een kunstmatige heuvel gebouwd, wat de militaire rol nog versterkte. In de 16de eeuw werd deze functie opgeheven.
Het kasteel werd een boerderij, er blijven nog wat stallen over die in de
17de tot de 19de eeuw rond het binnenhof werden gebouwd.
Het kasteel annex hoeve is omringd door een geklasseerde site met de kerk, het
kerkhof en het veld dat naar het noorden loopt.
Wandel rond de Sint-Albinuskerk en het kerkhof. Het bijzondere silhouet is
ontstaan door de verschillende stappen in de bouw van de kerk, die drie eeuwen duurde. Het veelhoekige gotische koor uit de 16de eeuw is opgetrokken uit witte zandsteen, in de muur zitten grote ramen met spitsbogen. De grote ronde
ramen werden in de 18de eeuw aangebracht om het schip wat lichter te maken. Dat lijkt ouder, te oordelen naar het massieve volume en de omvang van het dak. Het schip rust op Toscaanse zuilen. Het neoklassieke voorgebouw (gevel en toren) werden in 1864 toegevoegd en zijn gebaseerd op de plannen van de plaatselijke architect Emile Coulon.
In de kerk hangen schilderijen en staan standbeelden uit de 16de, 17de en 18de eeuw, er liggen ook gotische zerken met liggende beelden. De 12de eeuwse romaanse doopvonten uit het Maasbakken zijn de oudste stukken.
Rechts van de kerk neem je de Rue du Moulin, volg aan het kruispunt het mooie, gedeeltelijk geplaveide wandelpad. Onderweg bewonder je de oude windmolen, ook wel Gustot genoemd. De molen, opgericht in 1826 door een zekere Rosy in een veld waar de wind vrij kan waaien, werd oorspronkelijk in hout opgetrokken, op een achthoekige bakstenen sokkel. In 1850 verbouwden de gebroeders Gustot de molen in baksteen. In de gewitte ruimte is nog een deel van het mechanisme bewaard gebleven. Hoewel maar een deel van de toren overeind was gebleven, werden het gewelf, dat oorspronkelijk kon draaien, en de wieken tijdens
een restauratie in 1961-1962 opnieuw toegevoegd. De top van de molen was 13 meter hoog. Op deze prachtige plek wordt ieder jaar in juni het feest
van het brood gehouden.
Wandel rond de molen, volg de chavé (holle weg) links.
Die komt uit in de Rue de la Justice, na enkele bochten kom je aan in de Rue de la Ferme. Je loopt langs een heel mooie vierkantshoeve met een oude omheinde boomgaard, de hoeve Gustot of Pasteels (Rue de la Ferme 14).
De constructie in baksteen en Gobertangesteen is degelijk en dateert uit de 17de, 18de en 19de eeuw. Kijk even naar het 19de eeuwse nisje in de muur rond de hoeve, aan het eind van de Rue de la Ferme.
Aan je rechterhand zie je het uitgestrekte landschap, dat eindeloos ver reikt ten westen en ten zuiden van het dorp. Hier, tussen de dorpen Sart-Risbart en Malèves, ontspringt de Opprebais, holt een zachte vallei uit naar het noordoosten toe en mondt uit in de Orbais, aan de rand van Opprebais. Zet je weg verder. Steek het kruispunt over met de Rue des Champs, volg de Opprebais. Aan de hoek van de Rue de Wastines metde Rue de Wez ligt de Mariakapel van Eeuwige Bijstand, prachtig gelegen boven op een berg en omgeven door bomen. Een rustieke trap leidt naar dit mooie eclectische gebouw in Gobertangesteen.
De inscriptie aan het hoofdeinde (aan het uiteinde van het schip) zegt: ˝ 1893 / Pierre de Gobertange / Carrières d’ Henri Pastur/ à Lathuy ˝.
De wandeling gaat verder naar de hoeve van Wez, in een nauw weggetje tussen de velden. Je hebt er een panoramisch uitzicht op het dorp. Hier is de weg ingebed tot aan de hoeve (Rue de Wez 4), die afgelegen aan de oever van de Orbais staat.
De hoeve, die uit baksteen en Gobertangesteen is gebouwd, dateert gedeeltelijk uit de 17de eeuw. Het landschap tussen de hoeve van Wez en de steengroeve van Opprebais, waar je naar op weg bent, is uitzonderlijk.
Dit is een vochtig gebied met moerassen en weilanden met hoge ecologische waarde.
Via de Rue du Pont kom je in het centrum van het dorp. Steek de Rue du Saussois over en volg een klein pad naar de nauwe Rue d'En-Haut. Langs dit wandelpad liggen boerderijen en landelijke huizen die hier in de tweede helft van de 19de eeuw en het begin van de 20ste eeuw werden gebouwd.
In de Rue d'En-Haut zijn er twee mogelijkheden om je weg verder te zetten: Kortere variant: sla links af, zo kom je sneller uit bij de Place d'Opprebais, je vertrekpunt. Onderweg kom je een grote schuur tegen (Rue d'En-Haut 5) en een piepklein woninkje van plaatselijke breuksteen. Beiden dateren uit de 19de eeuw. Langere variant: Sla af naar rechts, de Rue d'En-Haut in. Daar sla je opnieuw rechts af, steek de brug over. Wandel rond de grote oude groeve waar kwartsiet of kiezelhoudend zandsteen werd gewonnen. De ontginning van kwartsiet in Opprebais gaat terug tot 1754. Tot de 19de eeuw ging het goed. Vanaf de 20ste eeuw, toen hier een spoorlijn werd aangelegd die rond Opprebais liep, ging het nog beter. Tot de jaren 1960 zou dit een van de economische pronkstukken van de streek blijven. Deze harde steen, rozig tot groenig grijs, werd vaak gebruikt als plaveisteen en in mindere mate om te bouwen; je ziet de steen wel hier en daar in een ondermuur of als muursteen. De ontginning werd definitief stopgezet rond 1975. In de put staat vandaag turkooizen ondergronds water (wat wijst op de natuurlijke hoogte van het grondwater). De eigenaar is de Waalse Watermaatschappij. De natuurlijke begroeiing (wilgen, berken) heeft door de jaren heen de rest van de omgeving ingepalmd.
De weg draait naar links. Je komt uit op de ingerichte site. Wandel de steengroeve door, die vandaag een gezellige landelijke plek met overnachtingsmogelijkheden voor jong en oud, een Maison de la Nature (ga zeker eens naar het uitkijkpunt hier), een ontspanningsruimte en een ontdekkingspad rond het water. Deze gezondheidswandeling, die je een stukje volgt, voert je langs de plaatselijke fauna en flora. Er staan borden met uitleg zodat je niks hoeft te missen.
Halverwege sla je rechts af, steek de weg over en neem de Chemin du Manil in de
richting van de groeve van Dongelberg, in de gemeente Jodoigne. Je bereikt de plek na een wandeling door het veld. Kom het dorp met leuke boerderijtjes binnen. De oude steengroeve van Dongelberg (te ontdekken tijdens de wandeling) is indrukwekkend. Vlak bij de Orbais liggen twee uithollingen, nagenoeg naast elkaar. Kwartsiet of kiezelhoudend zandsteen ˝ van Dongelberg ˝ is een harde en moeilijk te bewerken steen met een ruime waaier aan kleuren: grijs met een roestige, blauwe, groene, rozige of paarse tint. De steen wordt enkel hier gebruikt en zal, net als het kwartsiet van Opprebais, intensief ontgonnen worden als straatsteen vanaf de tweede helft van de 18de eeuw.
De 19de eeuw is ongetwijfeld de bloeiperiode voor de groeves van Dongelberg,
dankzij het bestraten van de grote verbindingswegen. Ook de aanleg van de spoorlijn Waver-Jodoigne in 1887-1889, die via Dongelberg loopt, zorgde ervoor dat de ontgonnen stenen vervoerd konden worden. Rond 1900 werden de steengroeven samengebracht in de ˝ Société anonyme des Carrièrres de Quartzite de Dongelberg˝, die daarmee de tweede grootste groeve van het arrondissement Nijvel werden en waar meer dan 150 mensen werkten! Maar toen kwam het asfalt. De vennootschap kon de concurrentie niet aan en raakte tijdens de 20ste eeuw in verval. Vandaag wordt hier drinkwater opgepompt.
Het traject loopt verder in de richting van Opprebais (Rue du Fayt). Bewonder de mooie vallei van de Orbais, die zich door gebied vol weilanden slingert. De suikerbieten- en graanteelt gebeuren hoger, tegen de flanken van de heuvels en op het plateau. Volg de Rue Sainte-Ragenufle, houd even halt bij de kapel van Sainte-Ragenufle en les je dorst aan de fontein. Ragenufle, een martelares uit de 7de eeuw, is de beschermheilige van Incourt. Volgens de legende zou Ragenufle, een jonge Merovingische adellijke vrouw, het ouderlijk huis ontvlucht zijn toen haar ouders haar wilden uithuwelijken. Ze verschool zich in een naburig bos waar ze uiteindelijk stierf; op de plaats waar ze stierf, ontspringt een bron. Op de plek van het mirakel werd een fontein gebouwd: hier kun je heerlijk water drinken, dat bovendien koorts zou genezen. Sinds mensenheugenis komen de dorpelingen hier met Pinksteren in een optocht na de misdienst aan. Ze bidden een rozenhoedje, drinken het gezegende water en kussen de hostieschaal. Dit is de enige fontein met drinkbaar water in Waals-Brabant. De kapel in kwartsiet en Gobertangesteen werd in 1953 gebouwd.
Steek de Chaussée de Namur over. Aan de overkant volg je de bewegwijzering naar links en volg je nadien rechts het wandelpad naar de Rue d'Opprebais. Je hebt onderweg een mooi uitzicht op het dorp Incourt. Een tweede pad naar links brengt je naar het centrum van het dorp en de Place d'Opprebais, waar nog steeds de oude straatstenen liggen.

Commentaar